Voor de zomervakantie kreeg ik een mail van Jeu Velmans, webbeheerder van Fotoclub Venlo. De club bestaat al 103 jaar. Maar goed de mail ging ergens anders over. Hij schreef dat de club een echte columnist in de gelederen heeft. Eentje die geen blad voor zijn mond neemt en niet spreekt met meel erin. Een kritisch geluid om de leden scherp en fris te houden is nooit weg. Bovendien past dat zeker bij een hondrjarige, maar wellicht bij elke club. Mijn interesse was gewekt en mijn vraag was of Joost (ja, zo heet hij echt) een keer zijn clubcolumn hier als externe blog wilde publiceren.
Nou daar komt hij dan … Joost mag het weten!
Foto’s bespreken: sfeervol bullshitten ?

Nou, maar goed dat Henri Cartier-Bresson (hoe zou jouw foto in kleur zijn?), Martin Parr (die kleuren kunnen ook wel wat minder) en Ansel Adams (wel veel van ’t zelfde, hè) geen lid van een fotoclub zijn, dan hadden ze een probleem.
Eentje maar?
De Amerikaanse fotograaf Bruce Barnbaum schrijft in zijn boek The Art of Photography: ‘Als je lid wil worden van een fotoclub kijk dan eerst of ze zich bezig houden met compositieregels en of ze meedoen met fotowedstrijden. Is dat zo word dan geen lid.’
Dit is natuurlijk nogal kort door de bocht, vooral als je naar zijn foto’s kijkt want die zijn perfect gecomponeerd!
Foto’s bespreken is uiteraard meer dan de som van allerhande regeltjes. Zou dat wel zo zijn dan zouden de mensen die boeken schijven over foto’s bespreken altijd goud moeten scoren want zij weten tenslotte hoe het heurt.
Maak eens een foto die tegen alle regels in gaat: scheve lijnen, een krakkemikkige compositie en/of zuurtjeskleuren en neem die mee op een clubavond. Leg wel een AOD klaar voor de puriteinen!
Peter Adams: ‘Great photography is about depth of feeling, not depth of field’.

met de hartelijke clicks van Joost
Wie is Joost
Joost Geeraedts (1954)

Ik fotografeer zo’n halve eeuw en sinds mijn pensionering wekelijks en bepaalde perioden van het jaar zelfs dagelijks. 90% van mijn fotograferen doe ik in het centrum van Venlo (spontaan) en enkele malen per jaar (zorgvuldig gepland) ga ik naar een andere stad.
Was ik vroeger vooral bezig met ‘mooie plaatjes’ waarop vooral geen mensen mochten voorkomen, de laatste jaren speelt juist de mens een belangrijke rol in mijn fotografie. In zoverre een belangrijke rol dat ik de mens een compositorisch onderdeel laat zijn van het beeld: bijna altijd een of een paar personen die de foto iets extra’s geven.
Ik werk veel in zw/w maar mijd kleur zeker niet. Ik houd ervan als een foto klopt naar mijn gevoel: de eerste indruk moet lekker zijn. Nabewerken doe ik heel beperkt en haal zeker geen fratsen uit. Gewoon met Photoshop Elements het beeld recht zetten (ik heb een oogafwijking) en wat rommel verwijderen.
Mijn grote voorbeeld is Alan Schaller. Ik heb Metropolis in mijn redelijk uitgebreide boekencollectie en zijn werk vind ik briljant.
Ik heb geen foto die ik mijn beste vind, de bijgevoegde geeft echter het beste weer waar ik mij mee bezig houd.
Als je meer wilt weten over een club die net na WO-I is opgericht en nog springlevend, kijk dan op hun webiste. Als je op deze link (de JOOSTLINK zal ik meer zeggen) klikt, krijg je ook nog eens een reeks aan columns. Wie weet inspireert dit ook andere clubs om een columnist in dienst te nemen.
Dank aan Joost en dank aan Jeu voor deze Limburgse blog!