DE TWEEDE LEG … KRONKELS EN SPINSELS

Twee boekjes van fotovrienden krijgen in een tijd van een paar weken. Lekker is dat. Een boekje (vanwege de maat van 21 x 21 cm, spreek ik van boekje) vol met fotografie van John Moest. De titel van het boek is ‘de tweede leg’. Door het volk wordt hierover heel verschillend gedacht. Van het sneue type die -op leeftijd- voor de tweede keer opnieuw de pampers of poepluiers (oei, dat is ook weer achterhaald, maar als ‘milieubewussie’ noem ik het toch maar even) staat om te doen of te verschonen tot ‘hij is nu weer helemaal tot bloei gekomen in zijn nieuwe vaderrol’.

Van mij mag het allemaal, ik hoop oprecht dat de mens gelukkig is of wordt in het leven dat hij/zij leeft. Maar het boekje van John gaat niet over ‘de nieuwe vaders’ maar om foto’s waar hij tot dan niet -of nauwelijks- naar omgekeken had. De afvallers, het niet relevante misschien zelfs het betekenisloze beeld die bij nader inzien, zoveel jaar later, tot een hogere orde verheven worden. We kennen allemaal de relatieve waarde van het moment. Honger maakt rauwe bonen zoet. Als ik naar mijn oude negatieven of digitale bestanden kijk, komen allerlei herinneringen boven die dat ene specifieke beeld overstijgen. De foto krijgt een andere dimensie en een nieuwe betekenis door de tand des tijds. Misschien is ook je opvatting veranderd ten aanzien van de fotografie op zich. Ging het je pakweg 25 jaar geleden misschien om een mooie esthetische plaat te maken, terwijl je nu veel meer geleid wordt door de emotie die een foto bij je oproept. Door het boekje van John heb ik met veel plezier gebladerd en gekeken temeer daar de combinaties van foto’s op de dubbele pagina’s elkaar ook nog eens lekker versterken qua verhalende betekenis. En dat allemaal op een van mijn favoriete terreinen gemaakt, de straat!

Drie pagina’s uit ‘de tweede leg’ | © John Moest

Het andere boekje is van Jac Mostert en is getiteld ‘kronkels en spinsels’. Jac is fotograaf maar in dit boekje staat geen enkele foto. Nou ja, de omslag is wel een foto. In het boekje staat alleen maar tekst. Zelfverzonnen uitspraken, bijna allemaal als dubbelzinnen. Een enkele keer heeft hij zijn vondsten in drie zinnen aan het papier toevertrouwd. Het is niet dat je even op een regenachtige achternamiddag gaat zitten om ze te verzinnen. Het moet een jarenlange verzameling van observaties zijn geweest die geleid hebben tot dit soort uitspraken. Wat dat betreft is het eigenlijk net als fotografie: gegoochel met de werkelijkheid. Er valt je iets op en je maakt er een foto van. Er valt je iets in of je ziet wat en je maakt er een ‘dubbelzin’ van.

Het boekje heeft als ondertitel ‘Perfectie bestaat. Alleen in de geest.’ Eigenlijk ook een dubbelzin!

De eerste uitspraak ‘In Nederland vangen wij boeven. Met een schepnet met grote mazen.’ Niet alleen grappig maar ook maatschappijkritisch? Of dan de meer filosofische uitspraak  ‘Als je met het verleden bezig bent. Sta je met je rug naar de toekomst.’ Zo kan ik nog even doorgaan met uit het boekje van Jac te citeren. Er staan in totaal meer dan 600 uitspraken in! Vooruit nog een paar met toestemming van Jac.

‘Je kunt van bomen wel planken maken. Maar van planken geen bomen.’ En om in het kader van het -voor Oranje zo teleurstellend- EK voetbal te blijven: ‘Het is moeilijk. Om een schaduwspits op het veld te dekken.’ Ik moet er niet teveel op een dag lezen want dan is mijn dag tekort. Dus af en toe lees ik er een voor aan mijn vrouw.

de KAMER

De Franse Magnum-fotograaf Raymond Depardon (1942) maakte meer dan 40 boeken en vele films. Hij werd geboren in Villefranche-sur-Saône en leerde op jonge leeftijd het fotograferen van de plaatselijke opticien. In 1958 sloeg hij zijn vleugels uit en vertrok naar Parijs. In 2020 gaf hij een nieuw boek uit met oud werk, namelijk foto’s van de boerderij van zijn ouders uit zijn jeugdjaren.

La Chambre | © Raymond Depardon

Het is een poëtisch en beschouwend werk geworden en zeker verrassend te noemen als je kijkt naar het werk waarmee Depardon later furore maakte. Hij fotografeerde o.a. de sloppenwijken in Glasgow, politiek beladen onderwerpen in Amerika en de psychiatrie in Italië.

La Chambre | © Raymond Depardon

De foto’s uit zijn vroege jeugd werden gemaakt met lange sluitertijden met een grootformaat camera.  Elk beeld laat een stil tafereel zien binnen en rond de boerderij. De kleinste details werden zijn fotografische onderwerpen: een stoel, een tafel, behangpatronen. Elke foto en de elementen erin roepen herinneringen op van degene die er naar kijkt, ongeacht of je vroegere thuis een boerderij was of een stadse woning. De foto’s herbergen een spanning tussen wat was en wat is geworden. Een verwijzing naar het verleden.  

USA. Chicago. Grant Park. Anti-Vietnam war protest. 1968. | Raymond Depardon

Een aantal jaren gelden ontmoette ik Depardon in Arles waar hij een grote overzichtsexpositie had. Het veelkoppige publiek hing aan zijn lippen. Bij elke foto ging hij in op de betekenis die de foto voor hem had. We luisterden naar een fervente liefhebber van fotografie én het leven van alledag.

Een bekende uitspraak van Depardon is “Ik dacht aan niets anders dan fotografie”

Het is de vraag of een dergelijke uitspraak de waarheid is of in sociaal opzicht ook als goed te betitelen is, maar het tekent de man en zijn werk natuurlijk wel.

Het boek La Chambre is als een nieuw limited edition-boek verschenen en voor 200 euro te koop…. Voor verzamelaars een aanrader, denk ik. [Voor als je verder een indruk wilt hebben, klik dan hier.]

Het werk van de Franse fotograaf Raymond Depardon is in Nederland vrij onbekend. In 2005 schreven Frits Gierstberg (Curator Nederlands Fotomuseum Rotterdam) en Nico de Klerk (onderzoeker van het Nederlands Filmmuseum) een boek (twee essays) over de fotograaf/filmer. Juist de combinatie -de cross over- van fotografie en film maakt Depardons werk belangrijk. [Raymond Depardon Photographer and Filmer, Engels 144 pagina’ | 9789059730403]

MIKADO

Uit de serie ‘Mikado’ | © Igor Omulecki

Deze foto en soortgelijke andere foto’s van de Poolse fotograaf Igor Omulecki kwam ik tegen in het maartnummer van het Duitse Fotomagazine PHOTONEWS [Zeitung für Fotografie]. Is het autonome kunst of vertelt de fotograaf iets over oorzaak en gevolg, heeft het met structuur van materialen te maken of gaat het gewoon over mooie kleurtonen. In ieder geval werd ik getriggerd om er langer naar te kijken en op zoek te gaan naar deze fotograaf. Igor Omulecki [Lodz, 1973] heeft er voor doorgeleerd om als kunstenaar door het leven te kunnen gaan. In 1994 behaalde hij het diploma aan het college voor theater- en filmkunsten, in 2015 een graad in de fotografie en in 2018 nog een mastergraad aan de academie voor de kunst in Szczenin. Ik ben niet echt op de hoogte van het kunstonderwijs in Polen om e.e.a. in te kunnen schatten maar er klinkt in ieder geval gedrevenheid en de wens tot vergroting van deskundigheid in door. Op zijn website zie ik dat hij in de laatste jaren veel seriematig werk maakt met een sterk conceptueel en autonoom karakter. Dat was eind jaren negentig nog net wat anders. Daar zie je vooral foto’s van mensen -vrienden wellicht- op een persoonlijke manier in beeld gebracht.

1997 © Igor Omulecki
2000 © Igor Omulecki

Over Mikado schrijft hij dat de inspiratie voor deze serie ontstond toen hij zijn zoontje van negen zag spelen en bouwen met houten materialen. Hij heeft vervolgens allerlei objecten -voorkomend in de natuur of in de ‘technologische wereld’- gefotografeerd en zijn foto’s als installaties met behulp van de computer opgebouwd. Zijn argumentatie of artistiek statement is …. “We benaderen computertechnologieën met afstand en wantrouwen. Hoewel we ze beschouwen als niet behorend tot de biologische wereld, sluiten we ze uit van de cirkel van de natuur. Dit begrip, waarin we sterk differentiëren tussen technologie en natuur, is gebaseerd op de overtuiging van wederzijds isolement van verschijnselen in onze wereld. We vergeten dat technologie een creatie is van een biologisch mens. Alle uitvindingen zijn geconstrueerd op basis van en lijken op onze zintuigen en mogelijkheden om ze te gebruiken. Op deze manier is technologie een uitbreiding en evolutie van de biologische wereld. Interessant is dat de mens als biochemisch fenomeen de neiging heeft om anorganische verschijnselen te marginaliseren. Alsof het universum alleen leven omvatte. Het is een egocentrisch en beperkt denken. Ik zie een man als een biologische machine.”

Zo dat is nog eens een mooie verklaring voor je werk. Wat ik misschien in eerste instantie zie als een spielerei of een ‘ver-weg-van-de-werkelijkheid- krijgt door dit statement een veel diepere betekenis. Soms heb je het verhaal van de fotograaf nodig om zijn strevingen en uitingen te kunnen begrijpen of er minstens begrip voor te hebben.

Alhoewel de vergelijking kant noch wal raakt doet dit me plotseling wel denken aan de poppen van Hans Bellmer uit de jaren 30-40 van de vorige eeuw.

The Doll c.1936 Hans Bellmer 1902-1975 Presented by Tate Members 2003 http://www.tate.org.uk/art/work/T11781

Bellmer [Katowic, Polen 1902- Parijs, Frankrijk 1975] zei destijds over ‘zijn’ poppen onder andere …..“Het geslacht is geprojecteerd op de oksel, het been natuurlijk op de arm, de voet op de hand, de tenen op de vingers. Zo ontstaat er een eigenaardige mengeling van echt en onecht, van wat mag en niet mag, waardoor het ene bestanddeel aan realiteit wint wat het andere daaraan inboet.” Wat destijds wellicht als ridicuul, minderwaardig of pervers werd gezien bleek voor Bellmer een artistieke uiting om de niet-werkelijkheid, de surrealiteit, weer te geven. Overigens in verschillende kringen werd hij door zijn uitleg er niet minder om verguisd.

zelfportretten geen exhibitionisme

Drie jaar geleden was ik rond deze tijd in Alicante. In een klein museum met moderne kunst trof ik een expositiewand met allemaal portretjes van vrouwen met een rood jurkje en een bijpassend sjaaltje. Het waren er zeker meer dan 200. De vrouwen leken op elkaar en toch ook weer niet. Er waren grote verschillen in haardracht, de huidtint, lipstick en uitdrukking. Vooral de uitdrukkingen spraken boekdelen. Het melancholische portret, maar ook vrolijk, uitbundig, ingetogen, verdrietig en daarnaast de slonzige uitdrukking en zelfs enkele dodelijk blikken van de ‘femmes fatales’. Ik ben de naam van de fotografe vergeten/kwijt, maar uiteindelijk bleek ze het allemaal zelf. Een prachtige reeks van iemand die naast de fotografie ook de kunst van het toneelspel verstaat. Als iemand weet welke fotografe ik bedoel, jou ik me aanbevolen.

Gisteren bij het surfen op zoek naar ‘fotografische kunst’ kwam ik een andere vrouw met een soortgelijke serie tegen.

© Tomoko Sawada

Tomoko Sawada

Tomoko Sawada [geboren in 1977] is een Japanse hedendaagse fotograaf en performancekunstenaar. Haar eerste expositie had ze toen ze 20 was. Inmiddels exposeert ze ook in Europa en Amerika en staat ze internationaal echt op doorbreken.

© Tomoko Sawada

In deze serie toont ze de (formele) foto’s die Japanse studenten maken na hun afstuderen. Het zijn portretten die ze gebruiken bij hun cv om na de studie ergens aan de slag te kunnen. In de serie maakt ze gebruik van de ‘conventies of afspraken’ die hiervoor gelden zoals kleding, neutrale gezichtsuitdrukkingen en kleding. Bovendien hanteert ze een nagenoeg vaste fotografische uitvoering die een parallel vertoont met foto’s uit de zogenaamde ‘pasfoto-hokjes’. De grote verandering zit vooral in haar kapsel, make-up en vooral gezichtsuitdrukkingen. Daarmee lijkt ze ook een statement te maken naar al die managers en personeelsfunctionarissen die de ‘pasfoto’ als uniek beeld zien om iemand wel of niet uit te nodigen voor een sollicitatiegesprek.

© Tomoko Sawada
Photographer Tomoko Sawada explains how self-portraits can reveal the relationship between our inner and outer worlds. She contemplates how embodying fictional characters in her work allows her to document the lives and culture of Japanese women.

© Sant Francisco Museum of Modern Art

LENSCULTURE

Winnaars black and white

1ST Plaats SERIES door

MADHAVAN PALANISAMY

foto Madhavan Palanisamy [website Lensculture]

Het is zeker de moeite waard om de gehonoreerde series (en solo foto’s) te bekijken op de website van Lensculture.

Wat bij de prijswinnaar Madhavan Palanisamy zeker opvallend genoemd mag worden is de beeldstijl waarin hij zijn serie vorm heeft gegeven. Met veel lef, rauwheid maar ook voelbare empathie voor mens en dier. Een zekere parallel met de Zuid-Afrikaanse fotograaf Roger Ballen valt m.i. niet te ontkennen. Overigens zijn de drie eerst geplaatste serie allemaal aan de harde, agressieve en rauwe kant van het leven. De directe beeldstijl die gehanteerd wordt maakt de serie wel duidelijker maar of iedereen het ‘fijne’ foto’s vinden waag ik te betwijfelen. Maar ja, soms gaat het gewoon niet over fijn. Voor een kijkje op de website van Madhavan Palanisamy klik hier.

STEFAN RAPPO

Soms wordt je weer verrast door een nieuwe naam, die natuurlijk niet echt nieuw is. Je doet een ontdekking over iemand die al jaren een meer dan gevierd fotograaf is. Zo verging het me vanmorgen toen ik per toeval terecht kwam bij Stefan Rappo. Zijn commercieel werk kun je scharen onder mode (en naakt) kunnen scharen. Hij werkt als vrije fotograaf voor verschillende magazines. Wat ik echter helemaal te gek vind, zijn de foto’s die je als vrij werk kunt betitelen. Room 42 is bijvoorbeeld zo’n serie.

uit de serie ROOM 42 van SEFAN RAPPO [download van zijn site]

Maar er zijn er veel meer en ook zijn video’s zijn het bekijken meer dan waard. Een geweldige creatieve geest waar je graag mee kennis maakt. Als je grasduint in zijn uitgebreide site kan het naar mijn idee niet anders dat ook jij je verwondert. Klik hier om naar zijn site te gaan.

“Stefan Rappo is the photographer of emotion”

FOTOGRAAF SOPHIE CALLEWAERT

Via de site Eyeshot kwam ik op de site de Belgische fotograaf Sophie Callewaert terecht. Prachtige humorvolle straatfotografie. Zeer de moeite waard om een kijkje te nemen. Verder houdt ze zich bezig met huwelijksfotografie en familiefotografie. Je verwacht dan reportages als zo veel andere. Maar niets is minder waar. Sophie ziet kans om deze (voor betrokkenen belangrijke) familiesituaties op een verrassende en originele manier vast te leggen. Wat dat betreft zie ik haar werkwijze op straat (als vrij werk) terug in haar opdrachtwerk. Die eigen stijl is haar klasse.

vrij werk Sophie Callewaert (copyrights Sophie Callewaert)

Onvermoeibaar optimistisch ben ik steeds op zoek naar authenticiteit en connectie. [quote Sophie Callewaert]

een ode aan PETER LINDBERGH

[23/11/1944 – 03/09/2019]

hulde aan de fotograaf die modellen mensen deed zijn

Peter Lindbergh talks about his work during the opening of his exhibition in ‘the Église des Frères-Prêcheyrs’ at Les Recontres d’Arles in 2008 [foto Peter van Tuijl]

Tijdens de openingsweek (2008) van het grootste fotofestival in de wereld was ik erbij. Peter Lindbergh hing in de prachtige gotische kerk met heel veel grote werken. Ik ben niet zo’n ‘modellen fotograaf’ maar ondanks dat hij in verschillende publicaties aangekondigd werd als modelfotograaf ging ik naar de opening. Dat was geen model fotograaf, wellicht zou je hem nog wel modefotograaf kunnen noemen maar dat ging me al te ver. Mensen fotograaf, mooie mensen maar ook minder mooie mensen in de puurheid van hun zijn! Later keek ik naar vele documentaires waarin hij op een bijzonder charmante, maar ook pure wijze omging met de vrouwen en mannen die hij fotografeerde.

Deze week stierf Peter Lindbergh op 74 jarige leeftijd. Ik zocht in mijn archief naar nog wat plaatjes van destijds in Arles. Als een huldebetoon aan een groot fotograaf!

girl in the exhibitio of Peter Lindbergh 2008 Arles [foto Peter van Tuijl]
girl in the exhibitio of Peter Lindbergh 2008 Arles [foto Peter van Tuijl]
Christian Lacroix, guest curator Arles 2008, visit the exhibition of Peter Lindbergh
[foto Peter van Tuijl]
de trailer van de film ‘Women’s Stories van Peter Lindbergh [may 2019]

Film PHOTOGRAPHER HARRY GRUYAERT

Er is in december 2018 een film over het werk en leven van de Belgische fotograaf Harry Gruyaert verschenen. Gruyaert is bekend vanwege zijn bijzonder kleurgebruik en de alledaagse taferelen, aanvankelijk uitsluitend in België en later over de hele wereld. De film is een hommage en draait nu nog uitsluitend in de Belgische bioscopen. Wanneer de film in Nederland komt, op TV of Netflix wellicht is niet bekend. Misschien dat hij straks op DVD beschikbaar is. Als fan van Gruyaert hou ik het in ieder geval in de gaten.
De trailer is via YOUTUBE te bekijken.

foto @Peter van Tuijl, ‘in de voetsporen van Harry Gruyaert Antwerpen 2018’

ROBERT DOISNEAU

Om misverstanden te voorkomen; nee dit is geen foto van de Franse fotograaf Robert Doisneau [1912 – 1994] en de man die erop staat is ook geen ver familielid van hem. Ik maakte de foto gisteren [op 171117] in de Kunsthal in Rotterdam in één van de zalen met het werk van Paul Delvaux [België 1897-1994]. Op het moment dat ik de foto maakte schoot me de foto van Doisneau door het hoofd. Die van het echtpaar voor de etalage waarin een tweetal schilderijen te bewonderen waren. Doisneau gaf de foto de titel ‘Un regard oblique’ mee; vrij vertaalt de ‘schuine kijker’.

Ik gebruik de foto in een van mijn lezingen en je hoeft beslist geen fotodetective, zoals Hans Aarsman, te zijn om de clou vrijwel meteen te snappen. Overigens heeft Doisneau, verdekt opgesteld, veel meer soortgelijke foto’s gemaakt.

Robert Doisneau was bij uitstek een straatfotograaf die ging voor het kleine moment. Het kleine alledaagse verhaaltje vaak gepaard gaande met een tikkeltje humor, soms iets van ironie of het onverwachte. De stijl verwijst sterk naar andere documentaire fotografen (o.a. Willy Ronis) die in de voetsporen van Henri Cartier Bresson werkten; het beslissende moment.
Hij was verknocht aan zijn Frankrijk, vooral aan Parijs en sloeg in de beginjaren van zijn carrière belangrijke opdrachten af omdat hij daarvoor naar andere landen en werelddelen zou moeten. Dat was hem te gortig; hij bleef dicht bij zijn Parijzenaars ook in figuurlijke zin, getuigen de kleine momenten die hij vastlegde. Toch zouden we hem tekort doen door alleen die Parijse tijd te noemen. Hij maakte later heel veel indrukwekkende reportages van o.a. gypsies, kunstenaars, festivals en modefoto’s, maar wel allemaal in Frankrijk. In de jaren zestig moet er iets vreemds met Doisneau aan de hand zijn geweest. Hij trok in opdracht van het Fortune Magazine naar Palm Springs om daar te fotograferen. Wellicht had het te maken met de voor hem ‘andere wereld’. Andere spijs doet eten zullen we maar zeggen, maar het lijkt me dat zijn interesse voor het kleine moment, het kleine verhaaltje even uit beeld was. Zijn beeldstijl is in Palm Springs een heel andere dan in de ‘Franse tijd’. Onverwachte boeiende kleurenfoto’s die niet zozeer verhalend zijn maar veel meer beschouwend. Ik kan me niet aan de indruk onttrekken dat Doisneau alle eigenaardigheden van het mondaine Palm Springs met een grote gulzigheid en wellicht intuïtief en impulsief heeft vastgelegd. Mede daardoor is het voor mij een een bijzondere reportage geworden. Een reportage die bij het grote publiek minder bekend is.

Klik hier voor een aantal foto’s op de site van Doisneau

In 2010 is er nog een boek verschenen: Robert Doisneau: Palm Springs

Publisher: Flammarion / 8×8 inch / Trim Size: 8 x 8 / ISBN: 978-2-08-030129-1

PAUL BULTEEL

PAUL BULTEEL SAMENHANG van MENS en RUIMTE

Enkele maanden geleden exposeerde de Belgische fotograaf Paul
Bulteel in Galerie FOTO21 te Bredevoort. Opnieuw, want een jaar of vijf was hij
ook al exposant. Ook galerie Objectief in Enschede heeft zijn werk al eens
tentoongesteld.

Het recente werk, de serie ‘WINTERREISE’, was nieuw voor me. Ik ken Bulteel van zijn geraffineerde
schetsen van stadslandschappen waarin de mens als figurant een rol speelt. Door
de verhoudingen en het momentum ontstaat er een enigszins vervreemd beeld. Wat er
gebeurt is ogenschijnlijk normaal maar tegelijkertijd proef je iets schurends
in het beeld. Martin Parr is de fotograaf waarvan de foto’s ook als schurend
zijn te beschouwen. Echter het grote verschil is dat Parr de persoon in kwestie
heel vaak uitvergroot, zowel letterlijk als figuurlijk. De mensen bij Bulteel
echter zijn geen persoonlijkheden maar ‘slechts’ figuranten in een theatraal
schouwspel. Theatraal maar rechtstreeks uit de werkelijkheid. Hij toont ons het
gekke en het kekke van onze wereld. De samenhang van de mens en de ruimte die
de stad ons biedt wordt op een verrassende en fascinerende manier in beeld
gebracht.

Voor wie op zijn website wil kijken klik hier.

Er is ook een Youtube filmpje met een heel mooi interview
met deze sympathieke en rustige Belg. Hij zegt daarin rake dingen over de
fotografie! Ter lering en vermaak klik hier als je het filmpje wilt bekijken.

Anastasia Rudenko

Anastasia Rudenko is een jonge fotografe [geboren in Kazachstan 1982] die na haar afgeronde academische studie wiskunde (1999-2004) documentaire fotografie ging studeren (2009-2012). Op 12 jarige leeftijd verhuisde ze met haar ouders naar Rusland. “Wiskunde betekende veel voor mij”, aldus Anastasia. “Maar ik ging steeds meer houden van de kunst. Ik schilderde al vanaf 2008 en op enig moment wilde ik naast mijn werk als wiskundige me meer expressief uitdrukken. Om op die manier een soort compromis te vinden tussen kunst en de exacte wetenschap. Ik ben toen fotografie gaan studeren. Met name documentaire fotografie omdat ik me vooral bezig hield met maatschappelijke en sociale problematieken in mijn directe omgeving.”
Anastasia Rudenko woont en werkt nu in de regio Vologda ten Noorden van Moskou en ten Oosten van Sint Petersburg.
Een serie die bepaald indruk op mij gemaakt heeft is die met de titel FAMILIE EN HUISELIJK GEWELD. Een serie die een autobiografisch karakter heeft! In een publicatie schrijft ze daarover het volgende.
“Ik
kan niet met zekerheid zeggen wanneer het is begonnen. Ik denk dat het begon
toen ik nog niet eens geboren was. De vroegste herinnering is het
verjaardagsfeestje van een vriend van mijn moeder, die al onze
familiebijeenkomsten bijwoonde. De volgende herinnering: mijn moeder en ik
lopen door de stad en proberen ons te beschermen en verborgen te houden voor
mijn vader in een aantal achteraf steegjes. Ik was toen 4 jaar oud.
Alle
jaren kenmerkte de relatie tussen mijn moeder en mijn vader als een
demonstratie van allerlei vormen van geweld. Nu,
terwijl ik verder ga met mijn persoonlijke project, probeer ik om dergelijke
problemen ook in andere gezinnen uit te vinden en om een soort van een algemeen
karakter voor de problemen in familierelaties te vinden.”

In 2012 werd ze onderscheiden met de Joop Swart Masterclass met haar serie Paradise. Een kort interview (video met onderschrift in het Engels) vind je hier.

In veel van haar thema’s ervaar ik een hele sterke persoonlijke betrokkenheid. Het zijn foto’s die enerzijds verhalend zijn, iets vertellen over wat er feitelijk gebeurt maar tegelijkertijd ziet ze kans om haar beelden zodanig op te bouwen dat het de letterlijke gebeurtenis overstijgt. De beschouwer blijft met vragen zitten, vragen die niet alleen gaan over het het moment maar meer nog over de problematiek die in beeld wordt gebracht. Met een beeldstijl van nabijheid én vervreemdend; soms ogenschijnlijk toevallig en een andere keer heel bedacht in de vormgeving. Haar documentaire uitwerking geeft niet alleen weer wat er gebeurt maar ‘bevraagt’ de beschouwer naar een mening of opvatting die verder gaat dan uitsluitend de inhoud van het losse beeld. Top storytelling wat mij betreft!
Voor als je meer wilt zien van haar werk kijk dan op haar site.

Jessica Dimmock

Jessica Dimmock [New York, 1978] studeerde documentary photography en haar afstudeerproject was het begin van ‘the ninth floor’, een project dat uiteindelijk ruim 3 jaar in beslag nam. The Ninth Floor gaat over een groep hard-drugs gebruikers die een statig gebouw in Manhattan ‘in beslag hadden genomen’ en verbouwde tot een complete chaos. Het project, waarvan ook een boek verscheen [nov 2007 huidige prijs ongeveer 500 euro], vertelt het verhaal van het verschrikkelijke gevolg van heroïne gebruik. Op zich zit de kracht niet zozeer in het onderwerp, immers dat is wel meer gedaan, maar in de manier waarop ze dit heeft vastgelegd. Haar benadering is krachtig met veel mededogen. dramatiserend en intiem en met veel close-ups in een snapshotachtige beeldstijl.
In haar verhalende en filmische benadering neemt ze de beschouwer als het ware mee in het dagelijkse leven van deze mensen. Dat dit project geen toevalstreffer is geweest mag blijken uit haar latere werk; zowel in foto’s als in films maakte ze al een flink aantal ‘meesterwerken’.

Voor The Ninth Floor ontving ze destijds de Inge Morath Award (Magnum prijs voor vrouwelijke fotografen jonger dan 30 jaar / Inge Morath Amerikaanse fotografe 1923-2002). Recent (2017) ontving ze de internationale award van World Press voor de film Convention over transgenders. Het is een conventie die jaarlijks ongeveer 150 transgender-vrouwen trekt in de leeftijd van 50 tot 70 jaar. Het zijn geen voltijds-transgendervrouwen. Een week van samenkomen waar plaats is voor vriendschap, steun, plezier maar ook wel een onderstroom van pijn. De vrouwen in de film zijn niet de super vrouwelijke, verwijfde, types maar grote potige mannen met gezichtshaar en sterke mannelijke trekken. Zelf zegt ze daarover: “Het is voor velen wellicht heel verwarrend maar hun verhalen zijn net zo geldig en in vele opzichten misschien nog wel belangrijker om te vertellen dan het verhaal van de jongeren. Wat betekent het als iemand van pakweg 75 voor ‘het eerst naar buiten komt'”
Voor wie wil kijken naar the convention klik hier.

Alessandro Grassani

Alessandro Grassani (1977, Italië) is een documentaire fotograaf gevestigd in Milaan. Hij werkt onder meer voor The New York Times en Vanity Fair. Bovendien voor organisaties zoals Artsen zonder grenzen en de Internationale Organisatie voor Migratie.

Hij reist doorgaans naar landen waar op dat moment belangrijke gebeurtenissen gaande zijn. Altijd zijn de sociale omstandigheden van mensen in die landen waar het om draait. Zo fotografeerde hij in 2004 de begrafenis van Yasser Arafat maar bleef vervolgens om de conflicten in Israël en Palestina te fotograferen.

In 2011 is hij een nieuw langdurig project begonnen, getiteld ‘Milieu-Migratie de laatste illusie’. Mensen worden gedwongen te emigreren omwille van klimaatverandering en omdat er geen alternatief is voor het leven in de stad.

Grassani is een sociaal documentaire fotograaf die zeer betrokken is met de thema’s en de mensen die hij fotografeert. Zijn foto’s maken een enigszins theatrale indruk.

Kijk hier voor een korte Engelstalige presentatie door Alessandro Grassani in Berlijn.