Jeannet Zwols schrijft op haar website: “Mijn camera dient niet om te documenteren, maar om te componeren”
Verder las ik “… de details waar de wereld aan voorbijloopt. Ik richt mijn lens op het verrassende, het abstracte en het onverwachte. Voor mij stopt het proces niet bij het maken van een foto; ik daag mezelf uit om met creatieve technieken meer uit mijn camera te halen dan de realiteit op het eerste gezicht laat zien.”
Dat maakte mij nieuwsgierig, temeer daar haar fotowerk binnen de Fotobond en ook elders heel vaak in de ‘prijzen’ valt. Op mijn verzoek hier haar bijdrage aan deze blog. Ik ben er blij mee en ik neem aan dat haar fotowerk ook vele anderen aanspreekt. Met dank aan Jeannet dus deze ‘externe’ blog. En wie verder wil kijken, op haar website vind je nog veel meer.
Mijn foto’s ontstaan niet op één moment; ze zijn het resultaat van een proces waarin ik verschillende beelden en indrukken samenvoeg tot één geheel. Het is een zoektocht waarbij ik blijf stapelen en schuiven totdat ik een beeld vind dat fijn voelt om naar te kijken. Dat is mijn drijfveer: het creëren van een eigen werkelijkheid, gebaseerd op sfeer en visuele logica. Ik zoek hierbij de grens op tussen droom en werkelijkheid.
Ik zie mijn foto’s als visuele gedichten waarin de harde grenzen tussen plekken en momenten vervagen. Voor mij heeft een beeld pas diepgang als het een gelaagdheid biedt die een enkelvoudige opname niet kan vangen. Door te spelen met abstractie en vervaging verbeeld ik de stedelijke dynamiek op een dromerige, bijna filmische manier.
Mijn werk gaat niet over het vastleggen van de realiteit, maar over het vangen van de ervaring ervan. Wat je ziet is nooit één ding, maar een opeenstapeling van momenten, reflecties en herinneringen. In dit lijnenspel vervagen voorbijgangers tot schimmen die onderdeel worden van een sfeervol geheel. Ik ben gefascineerd door de visuele gelaagdheid van de wereld.
Naar aanleiding van de tentoonstelling van haar recentste werk ‘Seven Stones’ in Teheran gingen de redactie van het Belgische Magazine BRREEDBEELD in gesprek met de Iraanse fotograaf Shadi Ghadirian. Ghadirians omvangrijke oeuvre strijdt tegen hardnekkige stereotypen en geeft Iraanse vrouwen het gezicht dat het regime hen ontneemt. Afwezigheid en gemis zijn de pijlers waarop ze haar recentste serie bouwt.
fotograaf Shadi Ghadirian
Juist nu… wat er zich allemaal afspeelt in de wereld …
De titel is niet van mij en de ‘ík’ staat ook niet voor mijn persoontje. Ik heb de tekst toegestuurd gekregen van Hans van Boxtel, een vrijetijdsfotograaf die professioneel werkt en al heel lang werkzaam in de zorg.
Een ruime week geleden was ik uitgenodigd door Fotogroep FOCUS Boekel om de foto’s van hun jaarlijkse exposoitie te bespreken en daarna de tentoonstelling te openen. Ze hadden het daar in Boekel goed voor mekaar en bovenal de vijfentwintig fotografen. Ze hadden elk een fraai expositiebord ingericht, vaak thematisch geordend en ik heb de foto’s met veel plezier besproken.
Een van de exposanten was Hans van Boxtel. Vier portretfoto’s en één still-life foto. Een serie die ik om verschillende redenen bijzonder vond. Je leest en voelt de emotie in de foto’s, het verhaal ontwikklelt zich van heel verdrietig -zeg maar dramatisch- naar hoop en eindigt in een sfeer van perspectiefvol. Het is authentiek, eerlijk en integer gefotografeerd én gebracht. De serie straalt het vertrouwen uit, tussen de mens voor en achter de camera. Een serie die je niet heel vaak zo ‘echt’ op exposities van fotoclubs ziet. Toe ik later hoorde dat het een vijftal is uit zijn veel groter project werd mijn waardering nog groter en heb ik Hans gevraagd of hij bereid was een (externe) blog te schrijven. Dat was geen punt… Verder lezen én kijken dus….
MARINA
Project “Ik heb mezelf hersteld”
door Hans van Boxtel
Voor dit project volgde ik tussen 2023 en 2025 twaalf deelnemers die werkten aan het herstel van hun psychische kwetsbaarheid. Het herstel vond deels plaats in het herstelcentrum Gewoon Herstel in Maashorst. Sinds 2022 is dit centrum een inspirerende ontmoetingsplek waar iedereen aan herstel, groei en zelfregie kan werken. Er is een laagdrempelige inloop, ontmoetingsactiviteiten, herstelcursussen en meer. Om de deelnemers en het centrum zichtbaar te maken voor onder andere de subsidieverstrekker hebben we het herstelproces zowel in woord als in beeld gepresenteerd.
ANNEKE
Zeven bezoekers heb ik zelfstandig benaderd; vijf mensen meldden zich aan via een gevolgde cursus. De reportageseries bestrijken personen die een psychisch herstelproces hebben doorgemaakt en dit proces vast willen leggen in een zelfgeschreven herstelverhaal én een professionele fotoserie. Het delen van het herstelverhaal en het markeren van het herstelproces in vijf foto’s riep bij de deelnemers opnieuw indrukwekkende herinneringen op, in lijn met de kenmerken van herstel: een wisselend verloop met pieken en dalen. Zo bezien paste dit project uitstekend bij hun eigen herstelverhalen.
Tijdens de kennismaking stimuleerde ik de deelnemers na te denken over de verschillende fasen in hun traject en vroeg ik hen al beeldend voor te stellen hoe en waar de foto’s genomen konden worden. De fotoreportage bestond uit vijf foto’s, waarbij de deelnemer zelf kon bepalen welk onderwerp en welke situatie kenmerkend is voor de fase in het herstel.
SABINA
Ik onderscheidde vijf fasen in het herstel die overeenkomen met vijf foto’s:
Foto 1: een beeld van de worsteling met de situatie
Foto 2: een beeld van overspoeld zijn door de situatie, een crisisachtige sfeer
Foto 3: een beeld van inkeer, bezinning en realisatie van de ongewenste situatie
Foto 4: een beeld van actief werken aan het eigen herstel
Foto 5: een beeld van de positieve resultaten van het werken aan herstel
De openhartige houding, lef en creativiteit van de deelnemers bij het vaststellen van het waarom en hoe van de vijf foto’s en het poseren daarvoor, vroegen om respect van zowel toehoorders als fotograaf. Het leverde een diep en waardevol contact op dat na dit proces nog voortduurt. Uiteindelijk gaven negen deelnemers toestemming voor publicatie van het herstelverhaal en de fotoserie. Drie fotoseries zijn in deze blog getoond.
Ria Westerhuis, trouwe blog lezer, stuurde me een aardige mail met wat foto’s gemaakt tijdens de POSBANK marathon (en eentje van Rotterdam). Zie hier haar mailtekst en de foto’s:
“Dag Peter, wat leuk de vele foto’s van de Marathon. Mijn kleindochter Emmy (20 jaar) liep voor het eerst de halve marathon van Rotterdam en er zijn meerdere lopers in onze familie.
Maaarrr in 2015 had ik een Fodo projectgroepje van 3, die de Posbank marathon ging verslaan. We namen bij de start een loper in beeld en verdeelden ons over de route om deze man uit Eritrea, omdat hij met zijn rode pakje goed te herkennen was in de massa bij de start, boven op de Posbank en bij de finish vast te leggen. Wij hebben hem de foto’s later toegezonden. Maar wachtend fotografeerde ik intussen ook veel andere hardlopers.”
Hans Loos kocht een poos geleden het boek. Tot mijn verrassing mailde hij een paar weken geleden een prachtige filosofische verhandeling over het boek. Ik heb hem gevraagd of ik de tekst als een externe blog mocht opnemen. “Dat was prima”, schreef hij me. Hans heel fijn en hartelijk bedankt!
Hans Loos kwam in 1947 op de wereld in Doetinchem, een stad in de Achterhoek. Na een opleiding Chemische Technologie begon zijn werkzame leven in een aantal functies bij de TU Delft.
Zijn belangstelling voor filosofische onderwerpen ontstond al in zijn studententijd en is gedurende zijn loopbaan verder ingevuld. Met fotograferen in zwart wit en verwerking in eigen doka begon hij rond 1970. Als amateurfotograaf en lid van Fotogroep Zoetermeer heeft hij zich verder ontwikkeld richting reisfotografie en straatfotografie. Momenteel werkt hij aan een straatfotografie project over “eenzaamheid” vanuit een postmoderne filosofische benadering.
Straatfotografie vanuit een postmoderne filosofische benadering
Ik ben bijzonder gecharmeerd van een boek met straatfoto’s van Peter van Tuijl, met de titel: Het individu, de ander en de menigte. Dit boek toont straatfoto’s in zwart wit, waarbij de mens centraal staat. Bovenal echter zijn de foto’s gemaakt vanuit een postmoderne filosofische benadering.
Klik op de afbeelding als je enkele pagina’s uit het boek wilt bekijken. BLOGPOST abonnee krijgen € 4,00 korting op het boek). Bestel hier.
Uitgangspunten van de postmoderne filosofie
Filosofische denkers houden zich bezig met de fundamentele vragen naar waarheid over mens en wereld. Over zaken als het bestaan, de werkelijkheid, de rede, waarden, taal en het menselijk verstand. Sinds de oude Griekse filosofen zijn hun denkbeelden en conclusies steeds weer bijgesteld. Lange tijd was filosofie een zoektocht naar wijsheid door middel van rede, los van mythen. Met het recente postmoderne denken is echter een andere richting ingeslagen, van ratio naar een ethisch appel.
Postmoderne denkers stellen de mogelijkheid van absolute zekerheid ter discussie en benadrukken diversiteit, verschil, en de meervoudige interpretatie van de werkelijkheid. Hun visie op het postmodernisme bevat ook een heldere boodschap: de zin van het leven ligt in de ethiek, oftewel in het luisteren en handelen naar het appèl van de “Ander”. Buiten de waarneembare werkelijkheid, en het relativisme daarvan, bestaat er volgens hen een absolute werkelijkheid in relatie tot de mens. Dit is de basis van het ethisch appel ofwel: de ander roept mij op tot “rechtvaardigheid” (of solidariteit), en dat vertalen wij in cultureel bepaalde morele regels, normen en waarden. Concreet betekent dit dat ik verantwoordelijk ben voor het welzijn van de ander en dat appel van de ander moet tot uitdrukking komen in mijn verantwoordelijk handelen tegenover die ander. Het concrete antwoord op het ethisch appel is altijd relatief. In iedere situatie moet worden gezocht naar passende rechtvaardigheid.
Peter van Tuijl verwijst in zijn inleiding op het boek expliciet naar de postmoderne Franse filosoof Levinas, die zegt dat de medemens niet slechts een ander persoon is, maar verschijnt als een vreemde ander. Hij spreekt van het gelaat van de ander, als ontoegankelijk schepsel dat een appèl doet op mijn verantwoordelijkheid.
Peter ziet de straat als een voortdurend bewegend organisme, het theater van de werkelijkheid. Hij ziet de spanning tussen het individu (de mens die zichzelf is), de ander (die ons ontroerd), en de menigte (die alles opslokt). Hij observeert wat er op straat toevallig gebeurt en nauwelijks is te voorspellen. Hij probeert het moment te pakken waarbij een persoon zich even los lijkt te maken en opvalt.
Peter is niet geïnteresseerd in wie die persoon is, dat is voor hem juist de fascinatie. Het gezicht valt op in de anonimiteit van de straat. In de woorden van Levinas: de ander als aanwezigheid die ons aanspreekt, ethisch uitdaagt en vraagt om erkenning, maar die we niet kunnen kennen. Het absolute versus het relatieve. De onbevangen ervaring van de werkelijkheid. Ontmoetingen van mijzelf en de ander.
(aanvulling: Voor Levinas is het ontwijken van de blik van de medemens, het begin van alle geweld. In zijn essay Vrijheid en gebod uit 1969 schrijft hij: ‘gewelddadigheid en tirannie worden gekenmerkt door het feit dat ze datgene wat ze behandelen, niet in de ogen zien; of om het nauwkeuriger te zeggen: door het feit dat ze er helemaal geen gezicht aan ontdekken’. En hij concludeert: ‘Ik ben pas vrij in het gelaat van de Ander. Het hulpeloze gelaat van mijn medemens haalt me uit mijn zelfgenoegzaamheid. Het gelaat is zogezegd, het meest sprekende deel van de menselijke gestalte en bovendien het deel dat vrijwel altijd helemaal onbedekt is. De mens kan heel sterk worden aangesproken door dit ‘gezicht’).
De foto’s van Peter tonen de mens in het anonieme theater van de werkelijkheid, de straat.
Vanuit de postmoderne filosofie richt hij zijn camera op de mens: als ik verantwoordelijk ben voor het welzijn van de ander, wie is dat dan en waar vind ik haar of hem. Communicatie tussen mensen is doorgaans toevallig en de fotograaf houdt zich afzijdig.
Zijn fotografie is een vorm van documentaire en journalistieke fotografie, met kernprincipes:
Authenticiteit: Het vastleggen van echte, spontane momenten zonder poseren of aanwijzingen.
Eerlijke weergave: Het gaat om het tonen van de wereld zoals die is, inclusief de ‘ruwe’ kanten, kwetsbaarheid en chaos.
Verhaalvertelling: De foto’s vertellen samen een coherent verhaal, ondersteund door context, omgeving en emotie.
Onopvallendheid: De fotograaf blijft zoveel mogelijk op de achtergrond om de situatie niet te beïnvloeden.
Roni Horn conceptueel kunstenaar/fotograaf en het Water.
Een flink aantal jaar geleden zag ik een expositie met haar fotowerk in het Zuid Franse Avignon. Een kolossale hoeveelheid A0 prints met de Theems als onderwerp vormde de kern van de expositie. Afgelopen week kwam ik een aardig interview met haar tegen over de voortdurende fascinatie voor water als materiaal. Het gekke is dat ze water beschouwd als een metafoor voor allerlei zaken in onze maatschappij en persoonlijke leven. Voor als je wilt lezen, kijk dan hier.
Gisteren kreeg ik twee (externe) blogs toegestuurd over Fake en/of niet-Fake!
Ik plaats ze met plezier omdat de invalshoeken van de verschillende bijdragen behoorlijk verschiilen en er tegelijkertijd wel een soort van grootste gemene deler lijkt te onstaan. Wellicht dat deze twee blogs -en de voorgaande- nog leiden tot een of meerdere reacties. Stuur je blog dan naar mijn email-adres: fotopetervantuijl@gmail.com
Vervangt AI-fotografie creativiteit en vakmanschap?
De discussie over AI gaat vaak over 100% AI beelden. En vanuit die optiek wordt de mening over AI bepaald. En ook of AI nog creatief is of niet. Maar hoe zit het dan als AI of andere niet-eigen-beeldelementen worden gebruikt in samengestelde beelden met ook ‘echte’ foto’s?
Fotografie is al lang geen puur registrerend medium meer. Fotografen kiezen bewust hun licht, locatie, model, hulpmiddelen en nabewerking. In veel gevallen bestaat het beeld al in het hoofd van de maker voordat er ook maar iets is vastgelegd. Dat voorstellingsvermogen en die regie zijn fundamenteel creatief. Het verschil tussen een geslaagde foto en een gewone registratie zit juist in die visie en uitvoering.
Als AI wordt ingezet om bepaalde onderdelen van dat creatieve proces vorm te geven – bijvoorbeeld een achtergrond die onmogelijk te bereiken is, een weersituatie die niet bestaat, of een object dat niet te vinden is – betekent dat dan dat het eindresultaat minder creatief is? Niet per se. De maker moet nog steeds keuzes maken, regisseren, experimenteren en beoordelen. De creatieve visie blijft leidend. AI is dan geen vervanger van creativiteit, maar een uitbreiding van het gereedschap.
Er is wel een grens. Wie simpelweg op een knop drukt en een willekeurig beeld accepteert zonder richting of beoordeling, oefent weinig vakmanschap uit. Maar hetzelfde geldt voor wie lukraak een camera gebruikt. Creativiteit zit, lijkt mij, niet in het middel, maar in de intentie, controle en visie van de maker.
Zou daarom de discussie niet moeten gaan over of AI ‘valsspelen’ is, maar over visie, transparantie en context: wat zien we, hoe is het gemaakt en waarom? Wanneer AI een rol speelt in dienst van een idee, verdient het dan niet evenveel waardering als traditionele technieken?
Alfons Lansink [deze column is geschreven met AI assistentie]
Met dank aan Alfons voor zijn kijk op Fake/Niet-Fake. Overigens, Alfons heeft een aantrekkelijke website (met blog). Dus als je wilt kijken…
Oudjaar-avond 2000 schreef ik een artikel over de digitale camera. Die was in opkomst. Een goede camera leverde 3 miljoen beeldpunten. Mijn negatiefscanner kon bestanden leveren van maar liefst 13 miljoen beeldpunten groot.
In 1987 begonnen door gebroeders Thomas en John Knoll met de ontwikkeling van Photoshop. Adobe kocht in 1998 de distributierechten, waarna het in 1990 de eerste versie uitbracht. Daarna ontstond een heftige discussie over het gebruik van Photoshop, later aangevuld met een polemiek over de digitale camera.
In de discussie over het gebruik van AI herkennen we veel van de strijd die werd gevoerd over vernieuwingen in het verleden. Bewust zeg ik “het gebruik van AI”. Het staat immers al lang vast dat we straks niet meer zonder kunnen. We hebben het nu wel over verkeerd gebruik van AI. Denk bijvoorbeeld aan fake beelden of fake nieuws. En we vragen ons af of het gebruik in de fotografie wel moet worden toegestaan.
Het is evident dat gebruik van AI in de fotografie niet is toegestaan als daarmee wetgeving met voeten wordt getreden. Het is volgens mij anders als iemand met hulp van AI een verhaal vertelt, zoals Carl de Keyzer dat doet in ‘POETIN IN DREAM’. Of wanneer artistieke / kunstzinnige / authentieke beelden worden gemaakt met de hulp van AI. Het gaat uiteindelijk niet om de gereedschappen, maar om het resultaat. Zoals bijvoorbeeld een “klassiek” tot stand gekomen foto kan zijn gecombineerd met textiele elementen. Of een onderdeel is van een complete installatie.
De discussie dient te gaan over de vraag of met het product het doel van een maker is behaald, met inachtneming van bestaande wetgeving. Niet over de vraag of een elektrische oven is toegestaan voor het maken van keramische kunst, of AI voor het maken van een foto.
Ton Dirven
Met dank aan Ton voor zijn kijk op AI. Overigens, Ton kun je onder andere vinden op INSTA (en op nogal wat andere plekken).
Wat AI voor de toekomst van fotografie betekent leek me een goede opdracht voor ChatGPT. Het antwoord van ChatGPT was overzichtelijk, maar saai. Ook de opdracht om een inspirerend essay over dit thema bleek te veel gevraagd. Probeer het zelf met een paar opdrachten.
Boeiender dan ChatGPT was een bezoekje aan de website AI bikini girls https://www.weshop.ai/blog/how-to-use-ai-bikini-generators-for-virtual-try-on/ die een AI bikini generator laat zien (en ook andere software). Upload je foto, kies een achtergrond en bekijk jezelf in verschillende bikini’s. Er komt binnenkort vast wel een optie om ook je figuur wat aan te passen en ‘beach-proof’ te maken. Jammer dat je nog steeds daarvoor zelf naar de sportschool moet gaan. Dat personaliseren lijkt een nieuwe praktijk voor e-commerce; hoe zie ik eruit in nieuwe kleding, achter het stuur van een auto, met een nieuwe camera in de hand.
Ooit protesteerden de schilders tegen de opkomst van de fotografie, en zagen het als bedreiging. En, recenter, protesteerden fotografen tegen Photoshop, omdat de foto niet meer echt was. En nu is AI in opkomst. Juridische en ethische vragen worden ondergeschikt; AI wordt een nieuwe standaard. AI onvolkomenheden zullen snel worden opgelost.
Sommige fotografie is zo gestileerd – in een studio, door opnametechnieken, met Photoshop, e.d. – dat het al AI lijkt. Zo mooi is het gedaan. Voor mij is AI een manier om een beeld te maken, en fotografie een andere manier. Deze twee manieren kunnen aanvullend zijn. Wat ‘echt’ en wat ‘fake’ is doet er niet zo toe – of moeten we hypergestileerde marketingfotografie van auto’s en vrouwen nu als ‘echt’ gaan bestempelen?
Fotografen die mooie foto’s moeten opleveren voor de commercie – alles wat met stockfotografie, e-commerce en marketing te maken heeft – krijgen het moeilijker door AI. Ook macrofotografie en foto’s voor kookboeken kan AI prima. Zelfs nieuwsfotografie ontloopt de dans niet 1). Minder geraakt wordt de sport- en documentaire fotografie, foto’s van persoonlijke herinneringen, enz. Ik twijfel nog over trouwfotografie, of stellen enkele gelukkige uitdrukkingen willen uploaden en zichzelf daarmee in trouwkledij zien.
Met AI krijg je als fotograaf geen ervaringen in het landschap, geen contact met andere mensen, geen rust tijdens het maken van een stilleven. AI is en blijft schermwerk. Wel geeft de ontwikkeling van AI een nieuwe vraag ter overdenking: wat wil je fotograferen en wat heb je als fotograaf te bieden om boeiende beelden te maken die AI niet kan leveren. Hoe maak je het persoonlijk en spreek je anderen aan? AI zorgt voor commercie, efficiency, en spektakel. Dat laat voldoende ruimte voor de fotografen die wat anders nastreven.
zie Phoebe Matich, T. J. Thomson & Ryan J. Thomas (11 Jan 2025): Old Threats, New Name? Generative AI and Visual Journalism, Journalism Practice, DOI: 10.1080/17512786.2025.2451677
Met dank aan Peter Nientied [neem wellicht ook een kijkje op zijn website] voor deze (externe) blog. Mogelijk wordt het AI-draadje nog wel langer...
Louis Visseren (fotograaf en mentor) schreef me “Ik ga graag op je uitnodiging in om een blog te schrijven over AI en Fotografie. Er valt veel meer over te zeggen , maar ik zie het als een begin van een discussie.”
Ik plaats de reactie van Louis graag als een externe blog. Met dank aan hem!
Tenminste eens per week sta ik versteld over nieuwe resultaten die met AI bereikt zijn. Natuurlijk heeft het fenomeen grote invloed op fotografie en ook video, maar een standpunt hierover innemen in termen van “voor” of “tegen” is niet zinvol. AI is er gewoon net als het weer en het gaat ook niet meer weg. We kunnen ons er maar beter toe verhouden.
Voor mij betekent AI een nieuwe en extra manier van beelden maken. Het is naast het gebruik van eigengemaakte opnames, toepassing uit beeldbanken en andere bronnen (al dan niet op Internet), een mogelijkheid om verhalen te vertellen. Verhalen kunnen op de werkelijkheid zijn gebaseerd, maar hoeven die niet integraal weer te geven. Maar storytellers hebben ook niet de plicht om dat te doen. Kijk eens wat Hollywood doet!. Niemand stoort zich toch aan het feit dat de filmverhalen geen werkelijkheid zijn. Ik zie een veelheid aan eigen bedachte, maar door AI geproduceerde video’s aankomen. Een eindeloos vat aan creatieve mogelijkheden.
Natuurlijk bestaat de kans van bewuste misleiding van het publiek. Dat is puur misbruik en onder omstandigheden ook misdadig. Maar dat is niet nieuw, dat kon altijd al, alleen kan nu iedereen het. Dan is er nog wel een ander niet opgelost probleem: het schenden van de auteursrechten door gebruik te maken van beschermde beelden voor het AI leerproces. De Belgische fotograaf Carl de Keijzer loste dit op door het AI model eerst zijn eigen beelden te laten zien om daarna een beeld terug te vragen in zijn eigen stijl. En de discussie of AI beelden iets met fotografie te maken hebben zal nog wel even duren. Voor mij had die discussie moeten beginnen bij het vervangen van het negatief door een sensor. Toen is de basis gelegd voor alle ontwikkelingen op dit gebied die we sindsdien gezien hebben. Louis Visseren
Zoals Louis aangeeft is het laatste woord over AI en fotografie nog niet gezegd. Jouw reactie is ook van harte welkom! Neem ook een kijkje op de website van Louis als je wilt.
Ruim twee jaar geleden had ik contact met Astrid Janson vanwege een review. Bij de opening van de grote Fotoexpositie van de Fotobond op 21 mei j.l. in Deventer ontmoette ik haar opnieuw. Ze vertelde over een boek dat ze geschreven heeft: ‘zie mij’. Ik vroeg haar of ze daarover een blog wilde schrijven.
“Ik hoor mensen het vaker zeggen. De een dat ze ‘even’ een boek hebben geschreven. Een ander spreekt over ‘even’ een expositie houden. Mijn ervaring was echt anders. Nu inmiddels een jaar later ben ik pas in staat om met plezier en trots terug te kijken naar de periode van mijn boek schrijven en de expositie die ik daaraan verbonden mocht hebben in ’t Rietveldpaviljoen te Amersfoort. Ik ben vijf jaar bezig geweest met het schrijven van mijn boek Zie mij.
Dus ‘even’ kan ik het niet noemen. De inhoud van mijn boek is niet iets wat je even deelt. Het was een groot, ingewikkeld en uiterst kwetsbaar project om dit boek te schrijven. Ik had een motivatie, namelijk andere mensen anders leren kijken en luisteren. In het boek neem ik je mee in de manier van kijken en luisteren zoals iemand met een hechtingsstoornis kan doen. Delen hoe je denkt, doet en bijvoorbeeld omgaat met emoties, is kwetsbaar. Echter vanuit mijn ervaringen vond ik het wel nodig dat iemand dit durfde te delen. Gezien een hechtingsstoornis vaak als te moeilijke problematiek word beschouwd. Ik hoop dat door mijn wereld te delen mensen zoals ik dan beter geholpen kunnen worden. Ik hoop mensen te leren minder snel te oordelen en te veroordelen. Ik hoop dat iemand die hulp vraagt niet meer geweigerd wordt. Iemand helpen en een band opbouwen is niet heel moeilijk. Het enige wat het vraagt is dat je wat moeite wilt doen en de andere persoon leert zien, horen en begrijpen. Dat is mijn missie om aan anderen te leren.
In mijn boek heb ik meer dan zeventig zelfportretten verwerkt om het leerproces te ondersteunen. Ik heb enkele van deze foto’s ooit ingestuurd voor een review. Puur om te controleren of ik wel door moest gaan met mijn project als ik heel eerlijk ben. De reacties waren voor mij overweldigend. Ik zie immers op de foto’s voor mij een normale wereld. Anderen zagen iets bijzonders en zorgde er zelfs voor dat ik een eigen expositie kreeg in het Rietveldpaviljoen. Een grote eer! Een expositie verzorgen is ook niet ‘even’ gedaan. Ik heb toen alles zelf gedaan en ik kan mij nog de emoties herinneren die door mijn lijf gingen, op het moment dat de eerste foto uit de printer kwam. Daar kwamen de foto’s voor mij pas tot leven.
Mijn favoriete foto is Gebroken. De buitenkant versus de binnenkant. Deze foto hangt hier nu in huis. Als reminder… dat ik die foto gemaakt heb. Die foto, het boek en de expositie. Dat allemaal…
Dat was niet ‘even’ gedaan. Het was een pittig proces. Het heeft daarna zelfs een jaar geduurd om me te realiseren dat ik het afgerond heb. Als je mijn boek leest en de foto’s bekijkt, zal je beter begrijpen waarom ik daar moeite mee heb gehad. Net als dat ik moeite heb met lovende woorden en dat deze mij kunnen overweldigen. Het hele proces van mijn boek, de expositie in combinatie met alle mooie reacties die ik heb mogen ontvangen, hebben mij ook anders leren kijken en luisteren. Ik heb ontzettend veel mogen leren! Nu een jaar later kan ik zeggen dat ik best trots ben op mijn prestaties.”
Boek: Zie mij. Leer kijken en luisteren zoals iemand met een hechtingsstoornis. Auteur: Astrid Janson.
Met dank aan Astrid voor deze externe blog. Ga naar haar website als je verder wilt kijken.
Afgelopen week heb ik weer een mentoraat/coaching afgesloten. In dit geval een afdelingsmentoraat in Brabant Oost waarin elke deelnemer aan een eigen project heeft gewerkt. Het is altijd weer een feestje om te zien waar iedereen gedurende een maand of zeven mee bezig is geweest en wat je te zien krijgt op de afsluitende avond.
Er is een boek (in druk verschenen en digitaal hier te bekijken) verschenen waar elke fotograaf een deel van zijn project toont en op de afsluitende avond waren er grote expositie-afdrukken te bewonderen en videopresentaties. De fotografen mogen trots zijn op hun werk, de inspanningen én de creativiteit en in het verlengde daarvan ben ik ook best wel trots op dit mentoraatsproject. Het was het fijn om mijn bijdrage hieraan te kunnen leveren.
Een van de deelnemers is een fervent liefhebber van alles wat met ronkende motoren te maken heeft. In het mentoraat kwam hij met een enigszins verrassend thema, namelijk het thema ik wil fotograferen ‘wat je niet kunt zien’. Hij maakte het al snel duidelijk met de opmerking dat muggen het wel kunnen zien, maar wij mensen kunnen slechts een bepaald deel van het spectrum van het licht kunne waarnemen en daarbuiten niet. Met een speciale eigen gefrabiceerde camera en het ‘licht’ dat zijn ‘muggencamera’ wel kan zien maakt hij fraaie beelden. Het zijn ook kunstwerkje die de esthetica zeker niet links laten liggen, maar als gepensioneerd fysicus is het hem niet uitsluitend daarom te doen.
Hieronder kun je zijn presentatie van dat mentoraatswerk van Harry Michiels bekijken en deze link verwijst naar de meer technische uitleg over zijn hedendaagse digitale infra-rood fotografie.
Gertjan Vlot stuurde me enkele weken geleden een mailtje met een verwijzing naar een nieuw fotoboek van zijn hand. Gertjan is een gedreven fotograaf die regelmatig documentaire boeken in eigen beheer maakt. In die mail schreef hij mij met veel enthousiasme over het boek Dahlia van Vera van Dam. Deze blog is het resultaat van mijn vraag aan hem… zou je daarover een blog willen schrijven. Met dank aan Gertjan Vlot!
Wie van fotoboeken houdt, moet keuzes maken. Een liefde die zich niet makkelijk laat begrenzen. Soms maken boekbesprekingen iets los waar je geen weerstand aan kunt bieden en is aanschaf van het begeerde de enige oplossing.
Enige tijd geleden bezocht ik het Foam. Na een onderdompeling in het werk van Koos Breukel, Saul Leiter en Sakir Khader bladerde ik nog licht afwezig door het aanbod in de bookshop. Tot ik op een fotocahier stuitte van de mij onbekende fotograaf Vera van Dam getiteld: Dahlia. Een uitgave die zonder inleidende tekst een reeks kleurenfoto’s presenteert waarvan niet meteen duidelijk wordt wat de bedoeling is. De meeste foto’s tonen fragmenten van verschillende auto-interieurs. Delen die niet direct herkenbaar zijn, die door zomers zonlicht worden beschenen en contrasteren met donkere schaduwpartijen. Uit de beelden spreekt een bijzondere aandacht voor het tijdloze materiaal van de bekleding, voor de textuur en de glans. Je moet soms wat langer kijken om te begrijpen wat je ziet. Dat geldt ook voor de jonge vrouwen die in die auto’s in beeld zijn gebracht. Ook zij zijn slechts gedeeltelijk zichtbaar in dezelfde schaduwrijke context. Ook in de details van de vrouwelijke lichaamsvormen gaat de aandacht, naar de oppervlakte, naar de kleding en naar de huid. Doordat de vrouwen op dezelfde manier als het interieur in beeld zijn gebracht, maken ze er op een natuurlijke wijze deel van uit en gaan ze er als vanzelf in op.
In een korte toelichting achterin het boek schrijft Vera van Dam dat ze met dit fotoproject over auto’s en vrouwen een statement wil maken op een terrein dat door mannen vaak als hun domein wordt gezien. Ze realiseerde zich, dat in de beeldvorming rond auto’s en vrouwen, op het gebied van intimiteit en anonimiteit, auto’s net zo individueel en universeel zijn als het vrouwelijk lichaam. “Skin and metal – covering frames to protect our insides from the outside.”
In de bookshop van Foam besloot ik af te zien van de aanschaf van fotoboeken over de exposerende fotografen en kocht een Dahlia, een verrassend en fraai vormgegeven statement.
Misschien verafschuw je ze wel, al dat eindejaarsgedoe met lijstjes van de beste .., Tja er is misschien ook wel wat voor te zeggen om weg te kijken van de ‘beste politicus’, de mooiste kat, de grootste sportman of vrouw of …
Als je een hekel hebt aan al die lijstjes, moet je de volgende link maar niet aanklikken. De link verwijst naar Lensculture met de ‘beste fotoboeken’ van 2024 all over the world. Als je wel klikt, ben je zo een uurtje verder. Kijk maar (wat je doet).
“De gemiddelde leeftijd van de overlevenden van de atoombom is nu 85. Over tien jaar zijn er misschien nog maar een handjevol van ons die als overlevenden uit de eerste hand kunnen getuigen,” zei Terumi Tanaka, medevoorzitter van de Japanse organisatie Nihon Hidankyo, tijdens de uitreiking van de Nobelprijs voor de Vrede in het stadhuis van Oslo, afgelopen dinsdag 10 december. Lees verder … op Magnum
I would like to let you know that you have been selected to exhibit your work at the 3rd B&W Athens Photography Festival which starts on February 22, 2025.
You have been chosen from many remarkable submissions sent from all over the world.
Best regards, Maria Toutoudaki B&W Athens Photography Director
Leuk zo’n bericht voor het einde van 2024, niet meer en niet minder.