
Een kakelvers boek op mijn website.
Voor als je wilt kijken en lezen, klik hier. De rauwheid, het dagelijks ritme van een stad die zichzelf verloren heeft. Tegelijkertijd ontmoet je de cultuur van toen en nu.
Peter van Tuijl is een Nederlandse fotograaf/coach/mentor en auteur

Een kakelvers boek op mijn website.
Voor als je wilt kijken en lezen, klik hier. De rauwheid, het dagelijks ritme van een stad die zichzelf verloren heeft. Tegelijkertijd ontmoet je de cultuur van toen en nu.
Mijn kleindochter is gek op paarden, ze heeft van jongsaf rijles en sinds kort heeft ze een eigen paard. Dior, van zakcentjes, werk en gekregen envelopjes bij elkaar gespaard. En waarschijnlijk is er links of rechts ook nog wel ‘gecrownfund’. Ze is beretrots op haar Dior, ondanks dat het modehuis met die naam niet als meest milieuvriendelijk of duurzaam bekend staat.
Vandaag kwam ik een modefotograaf tegen die ook paardenfotograaaf is. Een niet gebruikelijke combinatie. Maar het toeval met Dior, het paard van mijn kleindochter dringt zich op.
Met ‘Dior van mijn kleindochter’ in het achterhoofd presenteer ik graag Donna Demari in deze blog. Een naam overigens met een heerlijk ritme, typisch Italiaans, nog afgezien van de alliteratie.


Ze begon haar professionele carrière al op 19-jarige leeftijd in Milaan.
Haar foto’s staan wereldwijd in bekende modebladen onder andere in de Britse, Italiaanse en Duitse Vogue. Ze heeft veel gewerkt met legendarische topmodellen, waaronder Kate Moss, Tyra Banks en Heidi Klum
In 2006 kreeg ze de opdracht om de wedstrijdpaarden van de baas van het kledingmerk Anthropologie te fotograferen. Dit veranderde haar carrière flink en werd de focus niet uitsluitend meer op mode- en kunstfotografie gericht. Ze is nu bekend geworden door haar prachtige, vaak zwart-witte (kunst)foto’s van paarden. Haar foto’s zijn in meerdere boeken gepubliceerd en hangen in kunstgalerieën, all over the world.
De benadering van de paardenfoto’s en de modefoto’s hebben overeenkomsten. Hte zijn niet de gelikte foto’s die je zou vaak ziet. Zij heeft de gave om bij de modefoto’s iets van het dagelijkse toe te voegen waardoor ze ook wat intiemer aanvoelen als de glamour beelden die je vaak ziet. Bij de foto’s van de paarden vind ik de afsnijdingen en de keuze voor het kader én het moment heel erg lekker. Daarmee wordt gevoelsmatig een soort essentie op het beeld geplakt. Het paard wordt verheerlijkt.
Kijk hier op haar sites, je pendelt met gemak tussen de mode en de paarden.
SPOREN

Apeldoorn PHOTO AWARD 2026 staat in het teken van sporen. Het was mogelijk, tot 31 juli, om hiervoor in te zenden.
Er zijn drie categorieën, natuur in beweging, het menselijk spoor en stille getuigen. Mijn inzending betrof stille getuigen.
En ja, ik behoor zoals dat netjes in de e-mail staat tot de genomineerden op de longlist. Uit 432 inzendingen zijn per categorie 30 werken geselecteerd die van 29 september tot 26 oktober geëxposeerd worden in het gemeentehuis van Apeldoorn. De vakjury maakt van elke categorie nog een shortlist… dat zijn de kanshebbers voor een van de fraaie prijzen. Tijdens de expositie van de longlist kan het publiek stemmen en daar komt nog een publiekswinnaar uit. Of mijn foto deel uitmaakt van die vier toffe prijzen is nog maar de vraag. Ik reken nergens op, ben nu al wel tevreden en content.
Zomaar een prikkllende én ontwapenende opmerking van Ed van der Elsken …
„Kijk niet zo chagrijnig, schat”
Eigenlijk gaat mijn boek daarover, maar eigenlijk ook weer niet.
Van der Elsken keek naar een stad die nooit stilstaat. Of dat Parijs of Tokio was, maakte hem niet uit. In Amsterdam, die hij beschouwde als zijn stad, slenterde hij zijn hele leven. Hij keek niet zozeer naar de formele situaties, maar veel meer naar een werkelijkheid die zich als een theater toont. Daarmee wordt de straat een belevingswereld en geen feiten weergave.
De rauwe rafelranden van de Zeedijk, de verliefde stelletjes die de rest van de wereld vergeten, de brutale blik van de jeugd die de straat opeist alsof het hun eigen slaapkamer is. Net zoals het naoorlogse Amsterdam voor van der Elsken een theater was, heb ik geluisterd naar de verhalen van nu. Naar de Amsterdammers gekeken, zijnde de acteurs die zonder tekst hun eigen theater vorm geven, nog steeds.
Geïnspireerd door de expositie van Van der Elsken in het Rijksmuseum keek ik opnieuw naar mijn eigen werk. Het resultaat is een selectie Amsterdamse beelden uit 2024-2026. Het curatorproces deed ik niet alleen; ik ging de discussie aan met allesweter Constantijn Severijn. Een waardevolle sparringpartner, maar de fotograaf behoudt altijd het laatste woord. Dus Constantijn: bedankt, maar ik ga weer solo. Wie het cryptische spel in deze tekst doorziet, verdient absoluut een griffel.

In het nawoord van het boek schreef ik …
doe vooral niet (te) normaal
Het vreemde, het surrealistische, het alledaagse Amsterdam van de periode 2024–2026 bleek een theater waarin de ‘oude’ regisseur ontbreekt, maar het toneel onverstoorbaar doorspeelt.
Nu de foto’s hun definitieve plek op dit papier hebben gevonden, blijft de stad buiten gewoon doorrazen. De fluisterstille bakfietsen zoeven verder over de klinkers, de toeristen roeren zich nog steeds luidruchtig en de kleine liefdevolle momenten blijven je bekoren. De straten stromen vol en lopen weer leeg, als een perpetuum mobile.
Tijdens het maken van dit boek heb ik gemerkt dat de geest van Ed van der Elsken nooit echt uit de stegen en over de grachten is verdwenen. De decors zijn gemoderniseerd, de mode is veranderd, maar de hartslag van Amsterdam is onveranderd rauw en teder tegelijk.
Het ‘normaal’ waar we zo vaak toe worden opgeroepen, bleek ook de afgelopen jaren een rekbaar begrip. De gewone mensen en ook de excentriekelingen. de ogenschijnlijke normale situaties en ook de abnormale gebeurtenissen zijn ook nu nog de wezenlijke fundamenten van deze stad. Zij bewijzen dat rafelranden niet verdwijnen, maar zich hooguit anders voordoen.
Zwart-wit fotografie filtert de ruis van de moderne tijd en brengt het beeldend naar de essentie die van der Elsken ving. Naar de blik, de houding, de onderlinge spanning en de verstilling. Dit boek is geen kopie of naäperij van van der Elskens erfenis. Het wil zeker ook niet in verhouding daarmee staan. In alle bescheidenheid, het is mijn werk kijkend naar de straat van nu en naar de wat onverwachte, vreemde situaties. Én met de fotografie van van der Elsken als inspirerend idee in mijn achterhoofd.
Met dank aan de acteurs van de stad, die onbewust hun rol hebben gespeeld in mijn theater van de straat. Aan hen wil ik zeggen: blijf dwalen, blijf liefhebben, blijf mopperen, blijf eigenzinnig en doe vooral niet (te) normaal.

Ik maakte het boek voor mijzelf, 85 foto gedrukt in boek van 180 pagina’s, 300 x 300 mm met hardcover gedrukt bij mijn huisdrukker uit Groningen, RussellPrint. Zo’n koffietafelboek is met de huidige prijsstelling van papier en inkt welhaast te duur voor een grote productie. Als je (toch) een indruk van het boek wilt krijgen kun je hier een stuk of vijendertig pagina’s bekijken.
Voor de zomervakantie kreeg ik een mail van Jeu Velmans, webbeheerder van Fotoclub Venlo. De club bestaat al 103 jaar. Maar goed de mail ging ergens anders over. Hij schreef dat de club een echte columnist in de gelederen heeft. Eentje die geen blad voor zijn mond neemt en niet spreekt met meel erin. Een kritisch geluid om de leden scherp en fris te houden is nooit weg. Bovendien past dat zeker bij een hondrjarige, maar wellicht bij elke club. Mijn interesse was gewekt en mijn vraag was of Joost (ja, zo heet hij echt) een keer zijn clubcolumn hier als externe blog wilde publiceren.
Nou daar komt hij dan … Joost mag het weten!
Foto’s bespreken: sfeervol bullshitten ?

Nou, maar goed dat Henri Cartier-Bresson (hoe zou jouw foto in kleur zijn?), Martin Parr (die kleuren kunnen ook wel wat minder) en Ansel Adams (wel veel van ’t zelfde, hè) geen lid van een fotoclub zijn, dan hadden ze een probleem.
Eentje maar?
De Amerikaanse fotograaf Bruce Barnbaum schrijft in zijn boek The Art of Photography: ‘Als je lid wil worden van een fotoclub kijk dan eerst of ze zich bezig houden met compositieregels en of ze meedoen met fotowedstrijden. Is dat zo word dan geen lid.’
Dit is natuurlijk nogal kort door de bocht, vooral als je naar zijn foto’s kijkt want die zijn perfect gecomponeerd!
Foto’s bespreken is uiteraard meer dan de som van allerhande regeltjes. Zou dat wel zo zijn dan zouden de mensen die boeken schijven over foto’s bespreken altijd goud moeten scoren want zij weten tenslotte hoe het heurt.
Maak eens een foto die tegen alle regels in gaat: scheve lijnen, een krakkemikkige compositie en/of zuurtjeskleuren en neem die mee op een clubavond. Leg wel een AOD klaar voor de puriteinen!
Peter Adams: ‘Great photography is about depth of feeling, not depth of field’.

met de hartelijke clicks van Joost
Wie is Joost
Joost Geeraedts (1954)

Ik fotografeer zo’n halve eeuw en sinds mijn pensionering wekelijks en bepaalde perioden van het jaar zelfs dagelijks. 90% van mijn fotograferen doe ik in het centrum van Venlo (spontaan) en enkele malen per jaar (zorgvuldig gepland) ga ik naar een andere stad.
Was ik vroeger vooral bezig met ‘mooie plaatjes’ waarop vooral geen mensen mochten voorkomen, de laatste jaren speelt juist de mens een belangrijke rol in mijn fotografie. In zoverre een belangrijke rol dat ik de mens een compositorisch onderdeel laat zijn van het beeld: bijna altijd een of een paar personen die de foto iets extra’s geven.
Ik werk veel in zw/w maar mijd kleur zeker niet. Ik houd ervan als een foto klopt naar mijn gevoel: de eerste indruk moet lekker zijn. Nabewerken doe ik heel beperkt en haal zeker geen fratsen uit. Gewoon met Photoshop Elements het beeld recht zetten (ik heb een oogafwijking) en wat rommel verwijderen.
Mijn grote voorbeeld is Alan Schaller. Ik heb Metropolis in mijn redelijk uitgebreide boekencollectie en zijn werk vind ik briljant.
Ik heb geen foto die ik mijn beste vind, de bijgevoegde geeft echter het beste weer waar ik mij mee bezig houd.
Als je meer wilt weten over een club die net na WO-I is opgericht en nog springlevend, kijk dan op hun webiste. Als je op deze link (de JOOSTLINK zal ik meer zeggen) klikt, krijg je ook nog eens een reeks aan columns. Wie weet inspireert dit ook andere clubs om een columnist in dienst te nemen.
Dank aan Joost en dank aan Jeu voor deze Limburgse blog!
19 augustus is in 2010 uitgeroepn tot wereld fotografie dag. Wereldwijd delen mensen sindsdien hun mooiste foto’s en besteden ze aandacht aan de kracht van het fotobeeld.
In navolging van het boek WERELD FOTOGRAFIE DAG uit de drie voorgaande jaren vroeg ik de bloglezers om ook dit jaar samen weer een fraai boek te maken. Het thema dit jaar is THUIS
BLOGLEZERS presenteren voor de 4e keer een fraai DIGITAAL BOEK
Op die dag in 1839 maakte de Franse regering het fotografische proces van de daguerreotypie bekend en kocht het patent om het als geschenk “vrij aan de wereld” te geven. Daarom is die dag gekozen als steeds terugkerende datum van de Wereld Fotografie Dag.
129 fotografen, bloglezers, hebben aan de uitnodiging gehoor gegeven om een of twee foto’s naar me te sturen om er een mooi digitaal boek van te maken. Dat is zeker gelukt. De fotografen hebben het thema THUIS op verschillende manieren uitgewerkt en de bundeling ervan is een prachtige verzameling van beelden geworden, soms met een uitgbreide tekst, titel of zonder titel. ‘Laat de foto maar spreken’, schreef iemand.

Vandaag, 19 augustus wordt het boek gepubliceerd via deze blog. Het boek mag worden doorgestuurd naar je fotovrienden of gedeeld op social media.
Klik op het boek om het te bekijken en eventueel te downloaden.
In een van mijn vorige blogs keek ik terug op een eerdere aflevering van de Roze Maandag van de TILBURGSE kermis. Dit jaar was ik er opnieuw.
Roze Maandag 2026: Zwart-wit in de kleurrijke kermismassa

De Tilburgse kermis blijft maar groeien. Het trekt de mensen bijna als vanzelf,ze komen letterlijk van alle kanten naar Tilburg. Het Vlaams en soms zelfs Duits was er te horen. De binnenstad lijkt gewoon te klein te worden voor dit spektakel.
Goed, dus opnieuw met de camera op stap. En met de vraag hoe wil ik er nu naar kijken.
Ik besloot om het dit jaar net even anders doen. Niet de focus op de extreme outfits van Roze Maandag en geen jacht op de luidste uitschieters. Wel de camera gericht op de emotie en de mens. Zonder de afleiding van felle regenboogkleuren en glitter zie je puur de expressie, de stralende glimlachen en de verbondenheid op de gezichten van de bezoekers.
Anders kijken, anders vangen. Met andere ogen …
Ik wilde de kermis zien als een plek waar mensen samenkomen. Gewoon voor de sfeer, de gezelligheid en die enge attracties waar ik zelf liever uit de buurt blijf. De kermis op alsof het gewoon een straat is waar mensen bij elkaar komen.
Het roze filter eraf
Met de camera losjes in de hand keek ik onder andere meer naar de tijdloosheid van samenzijn, naar het contrast waardoor de intensiteit van de ontmoeting meer nadruk krijgt en naar de essentie van het feest. Dit LBHTQ+ evenement is veel meer dan een verkleedpartij. Door de kleur te filteren wordt er een diepere laag van menselijkheid en verbondenheid blootgelegd. Soms ernstig maar ook wel met enige humor. De hectiek van de moderne roze-maandag-feestkermis wordt wat weggehaald en geeft de foto’s een documentaire, enigszins rauwe esthetiek.
Zonder dat specifieke Roze-Maandag-stempel verandert het beeld naar mijn idee. De sfeer wordt losser, de zomerse ontmoeting komen daardoor meer centraal te staan en de momenten tussen en met mensen nadrukkelijker belicht. Het referentiekader verschuift. Je let ineens veel meer op kleine details: een blik van verstandhouding of de rust midden in de drukte.
Daarom, deze serie van 2026 volledig in zwart-wit.
Het lijkt op een van de uitspraken van Johan Cruijff. Sinds ik bezig ben geweest met het samenstellen van het boek ter gelegenheid van de Wereld Dag van de Fotografie met als thema Thuis, zie ik thuis in allerlei vormen voorbij komen. Ja natuurlijk ook in het boek. De laatste correcties worden door de 129 fotografen gedaan die een of twee foto’s (een enkeling zelfs drie of vier) hebben ingeleverd. Op 19 augustus aanstaande, de DAG van de FOTOGRAFIE, verschijnt het boek in de openbaarheid. Het mag gezegd worden: een geweldig boek met prachtige beelden die op een heel verschillende manier het thema vertegenwoordigen.
De volgende zin kwam ik tegen in een artikel over de fotograaf Dominik Wojciechowski: ‘Het project ‘Het Kasteel’ onderzoekt de emotionele betekenis van thuis en wat er gebeurt wanneer persoonlijke ruimte wordt geschonden. Het begon allemaal in 2019, toen Wojciechowski zijn moeder hielp met een aantal zorgwekkende familieproblemen.”
In het artikel van British Journal of Photography zegt Dominik Wojciechowski ook: “Ik wilde de wereld van alledaagse voorwerpen induiken, die relateren aan mijn ouders en alles op zijn kop zetten.”
Lees zelf het gehele artikel van British Journal of Photography hier. Een een ander arikel over deze fotograaf met een geheel eigen documentaire stijl kun je lezen in Musée
Een scherpe, ongepolijste blik op de grootste kermis van de Benelux.


Met deze fotoserie neem ik de Tilburgse Kermis, in het bijzonder de uitbundige dynamiek van Roze Maandag, letterlijk en figuurlijk op de korrel. Geen geposeerde portretten, maar rauwe, flitsende snapshots die de toevallige ontmoetingen en visuele botsingen van het straatbeeld vangen.
Door de contrasten op te zoeken tussen extravagantie en alledaagsheid, tussen de anonieme toeschouwer en de trotse feestvierder, ontstaat een autonoom beeldverslag. Gevangen in een fractie van een seconde, versterkt door een intens en gelaagd kleurgebruik, toont deze serie de kermisganger in al zijn facetten: soms theatraal, soms verbaasd, maar altijd onmiskenbaar menselijk.
MAANDAG 20 juli weer ROZE MAANDAG in Tilburg. Misschien komen we elkaar wel tegen!
De foto’s in dit autonome portfolio zijn gemaakt in de openbare ruimte. Ik streef ernaar om het straatbeeld en de menselijke expressie op een artistieke, respectvolle manier vast te leggen. Herken je jezelf op een foto en stel je publicatie hiervan niet op prijs? Stuur een bericht via mijn contactpagina en de foto wordt zo snel mogelijk verwijderd.
Een iewat vreemde naam. Is het een kunstpil. Je zou er elke dag iets van kunnen nemen, maar ook een enkele keer in de week één pil.
Zo zie ik hun website. Als ik eens wat extra inspiratie wil opdoen of een schurende confrontatie wil, aan het denken gezet of gewoon wil genieten van mooie dingen en goede verhalen, dan kijk ik een kwartiertje (of langer) op ARTpil. Misschien is ARTPIL ook iets voor jou. Voor zover ik het gebruik en heb kunnen zien is het gratis.
Zelf schrijven ze ‘Met een focus op moderne en hedendaagse kunst biedt Artpil verhalen, nieuws over evenementen en interviews met profielen van kunstenaars uit alle disciplines, musea en galerieën, bureaus en organisaties, zowel gecureerd als uit het publieke domein.’ Artpil is opgericht in 2017.

Zo lees ik vandag ‘Want To See A Lighthouse‘ over het hoogtepunt van dertig jaar fotografische obsessie van Gary Briechle. De werkwijze van Gary Briechle is gedisciplineerd, bijna ascetisch. Elke dag zwerft hij rond in Rockland, Maine, in een SUV volgeladen met chemicaliën, kijkend naar dezelfde alledaagse scènes en onderwerpen, maar met de verwachting van andere resultaten. Het collodiumproces zelf is een ritueel: collodium, zilvernitraat, licht en wachten. Altijd wachten. Hij maakt telkens één glasplaat. Daarna keert hij terug naar huis om van elke plaat een enkele zilvergelatineafdruk te maken, waarna hij de plaat opbergt op zolder, onder een bed of in een kast. Hij heeft geen behoefte om te exposeren of te verkopen, alleen om te creëren. [bron Artpil | © ARTpil]
Ik zag daar ook prachtig fotowerk van fotograaf Kristina Syrchikova…

Haar werk richt zich voornamelijk op sociale en mensenrechtenkwesties in de post-Sovjetruimte. Kristina studeerde eerst informatietechnologie, voordat ze zich toelegde op hedendaagse fo©tografie. Haar werk is prachtig als het gaat om de balans in licht-donker van haar beeldtaal en ernstig als het gaat om de voorstelling en inhou!. Enfin je moet zelf maar eens rondneuzen op de website van ARTpil
Vanaf 1 juli kunnen fotografen een (of twee) foto’s insturen voor het BOEK WERELD FOTOGRAFIE DAG 2026. Nu vandaag woensdag 8 juli zijn we (ja we, want het wordt echt een boek van alle fotografen) de veertig voorbij. Daarmee krijgt het boek al wat body en wordt, net als voorgaande jaren, duidelijk de grote verscheidenheid aan fotografie.
Achter de Wereld Fotografiedag (World Photography Day) zit niet één specifieke, officiële organisatie. De dag is in 1991 in het leven geroepen door de Indiase fotograaf O.P. Sharma en vervolgens wereldwijd gepromoot door fotografen als Korske Ara en John Morzen. De laatste startte in 2009 het officiële platform World Photo Day om fotografen wereldwijd met elkaar te verbinden. Sindsdien is het uitgegroeid tot een wereldwijd fenomeen dat door velen wordt gevierd.
Het thema “HOME” (THUIS) is voor 2026 bepaald door de officiële organisatie achter het initiatief: het wereldwijde platform World Photography Day, dat destijds is opgezet door de Australische fotograaf Korske Ara. Zij kiezen elk jaar een optioneel, verbindend thema om fotografen wereldwijd extra richting en inspiratie te geven. Voor ons boek vormt het thema zeker geen belemmering, zo blijkt. Van alle inzendingen zijn er slechts een paar die een hele ruime interpretatie aan het thema geven. dat is niet erg, temeer daar in het communiqué van de World Photography Day zelf wordt gesproken van een optioneel thema.




Het boek van 2025 telde ruim 120 fotografen met geweldig fraai eigentijds, eigenzinnig en persoonlijk werk. Ik hoop dat we erin slagen, fotografen met elkaar, in 2026 weer zo’n succesvol boek te maken. Dus stuur je beste, meest originele, dierbaarste of creatiefste foto naar me toe. Voor 31 juli, want daarna maak ik het concept en stuur dat naar alle deelnemers voor eventuele correcties. Zie voor de afspraken eventueel nog even deze blog.
DOE OOK MEE AAN HET BOEK WERELD FOTOGRAFIE DAG 2026
Een expositie van Ton van Vroonhoven bij FotoKabinet Schiller in Aalten.
Van 31 juni tot 21 september 2026

In het FotoKabinet in Oerkroeg Schiller in Aalten is vanaf 26 juni de tentoonstelling “Brussel was toen nog een bruisende stad” te zien met foto’s van Ton van Vroonhoven. De titel verwijst naar het lied waarmee Liesbeth List begin 70er jaren furore maakte. Het was een in het Nederlands vertaalde versie van het franstalige lied “Bruxelles” dat in 1962 uitgebracht werd door de Belgische chansonnier Jacques Brel. Het gaat over de voorspoed in de Belgische hoofdstad en de levendigheid tijdens de “belle époque” eind 19e en begin 20e eeuw, die eindigt bij het uitbreken van de Eerste Wereldoorlog.
De fotograaf moest aan de Nederlandse titel “Brussel was toen nog een bruisende stad” denken tijdens een paar dagen fotograferen in de Belgische hoofdstad. Brussel heeft de bezoeker veel te bieden, maar uit zijn beelden kwam vooral ongemak naar boven. Veel plekken die hij bezocht leken hun beste tijd achter de rug te hebben. Dat stemde droevig. Het “mooie tijdperk” lijkt ver weg te zijn.

Het thema van de dag van de fotografie 2026 is THUIS. Bij de oproep van het foto’s voor het boek, schreef ik al dat bhet een onderwerp/thema is dat breed geïnterpreteerd kan worden. Een aantal jaren geleden heeft Magnum samen met Fujifilm een grootschalig mondiaal project gestart met vijftieb topfotografen. In dit artikel kun je zien (en verder, maar dat is een kwestie van ‘doorklikken’) op welke manier deze fotografen dat hehbben aangepakt én uitgewerkt.
Vijf fotografen in gesprek over fotografie …
Zomaar een video om na te denken over de betekenis van straatfotografie en de fotograaf achter de camera in relatie tot de tijd waarin we leven,
Een publicatie van Eyeshot Photos
Vorig jaar maakte ik samen met meer dan 100 bloglezers in het kader van de WERELD FOTOGRAFIE DAG een mooi digitaal boek. Hier kun je even terugkijken in het boek van 2025.
Elk jaar op 19 augustus wordt de fotografie wereldwijd gevierd. Elk jaar is er een thema en dit jaar 2026, is dat THUIS. Wat mij betreft is het een thema dat heel breed geïnterpreteerd kan worden.
Met jullie medewerking wil ik weer met plezier zo’n boek samenstellen in de overtuiging dat het weer fraai boek wordt en een mooie weergave is van de Nederlandse Fotografie.
Om te totstandkoming van het boek in goede banen te leiden, staan hieronder een aantal afspraken. Zowel voor het inzenden van de foto’s en dergelijke als voor de samenstelling van het boek.
Belangrijk voor het maken van het boek is het insturen van je foto … in de periode vanaf 1 juli 2026 tot en met 31 juli 2026.
Wat in het boek wordt vermeld
Je naam en titel van de foto. Als je geen titel wilt komt er z.t. te staan.
Verder je toelichtende tekst als je daarvoor gekozen hebt.
Als je in de mail aan mij schrijft dat je je e-mailadres of website erbij wilt hebben, dan plaats ik die bij je naam.
Er worden geen technische fotogegevens (zoals iso, sluitertijd of diafragma) geplaatst.
Verder …
Tussentijdse check …
ALGEMEEN
De fotograaf heeft alle rechten van de foto en is (en blijft) in alle gevallen verantwoordelijk voor de publicatie van zijn foto’s en teksten en ik ben gevrijwaard van elke aansprakelijkheid m.b.t. de publicatie.