Gelukkig

De lockdown hield ons in juni op bekend terrein. Weg in eigen land. Alles lijkt dan een excuus voor de fotografie. Een simpel mand pruimen, een vogel in de lucht of een klein museum met de resten van de looproute. Alles lijkt goed, als er maar gefotografeerd kan worden.

In Veere – een toeristisch plaatsje – zit een echtpaar, wachtend op de koffie. Zo te zien duurt het knap lang of is er misschien iets anders aan de hand. Zonder dat ik de reden weet maak ik er een foto van. We hebben allemaal weleens even een chagrijnig moment, ik ook. Overigens dat hoeft hier niet eens het geval te zijn. We hebben ons oordeel vaak snel klaar. Ik maak de foto veel meer vanwege de dame op de achtergrond. Het valt op dat zij de houding van de man bijna kopieert. Terwijl ze niets met het echtpaar te maken heeft. Kijk dat noem ik nu toeval, het toeval van het kleine moment. Toevalligheden zijn heel vaak bepalend om de foto te maken, zeker voor straatfotografen. Gary Winogrand heeft eens gezegd dat de straatfotograaf die aarzelt altijd te laat is. Hij kan het weten want gedurende zijn niet al te lange leven – hij stierf al toen hij 56 was – maakte hij bijna 6 miljoen foto’s waarvan hij er ongeveer een half miljoen niet eens gezien heeft. In de laatste jaren van zijn leven fotografeerde hij uitsluitend, hij nam niet eens de moeite om zijn films te ontwikkelen, laat staan dat hij er afdrukken van maakte. Dus beter één teveel geschoten, denk ik dan. Ik weet zeker dat niet iedereen het hier mee eens is. De landschapsfotograaf zal er heel anders over denken en de fotograaf die het stilleven fotografeert kan moeilijk anders om het een ‘stil leven’ te laten zijn. Een straatfotograaf werkt meer impulsief en als je naar de analoge contactstroken kijkt van de straatfotografen van weleer dan zie je daar de situaties in de straat aan je voorbijtrekken, beeld na beeld vaak een heel rolletje van 36 stuks negatieven lang. Kijk maar eens naar het grote Magnum boek (betaalbare paperback uitgave) met de contactbladen van verschillende fotografen. Ook kun je op de site van Magnum een kijkje nemen waar verschillende contactsheets worden aangeboden voor aardige prijzen. Als je wilt verzamelen of alleen wilt kijken.

Overigens op de site van fotograaf Eric Kim kun je een heel inspirerend boek downloaden over straatfotografie en het belang van contactsheets. Überhaupt is een bezoek aan het adres van zijn website en vooral zijn blog een feest, waarschijnlijk ook voor jou.

Terug naar het toeval. De betekenis van situaties worden soms groter gemaakt door het toeval. Er worden verbindingen gelegd die er niet zijn. De suggestie van de foto gaat verder dan de bestaande werkelijkheid. Ik ben er blij mee.

Even verder tref ik een tafereeltje dat ik interpreteer als stilte voor de storm. Ik wil het wel uitschreeuwen: “mensen wees of wordt vrolijk, het is zomer”! Maar ik houd mijn mond en maak de foto, toeval opnieuw.

Ik zoek de liefde, het geluk. Dat moet ook in toeristisch Veere te vinden zijn, zeker op zo’n mooie zonnige zomerdag. Juist dan en daar!

Gelukkig, het geluk lacht me toe! Paul Young zong het al: “Love is in the air” in Veere.

Rondkijken, rondhangen, rondlopen …. deze keer in Veere op zoek naar het geluk van alledag!

Voor de komende periode wens ik iedereen veel toeval en geluk toe!

Wandelen, geen kunst aan

Met zo’n uitspraak moet je voorzichtig zijn. Voordat je het weet sta je op de lange tenen van een serieuze kunstenaar. Richard Long is er zo een!

Alle foto’s Middelburg: ‘walk along lines’ summer 2021 | © Peter van Tuijl

In de jaren zestig van de vorige eeuw vierde de ‘bedachte’ kunst -de conceptuele kunst-  hoogtij.  Land art was toen eveneens een kunstuiting in de lijn met minimal art of art povera. Richard Long (Bristol 1945) verhief het wandelen tot kunst en hij was niet de enige.

In absolute zin was het wandelen an sich de kunstuiting voor de land-art kunstenaars. Maar ook werden er wel ingrepen in het landschap verricht, vaak vanuit een bepaalde maatschappijkritische houding of vanuit de drang om nieuwe elementen aan het landschap toe te voegen. Om ‘de kunst’ aan anderen te kunnen overdragen – immers kunst moet toch overdraagbaar zijn – maakte deze kunstenaars – en ook Richard Long dus – foto’s tijdens de wandelingen en verzamelden ze objecten.

Long creëerde al tijdens zijn studententijd zijn eigen zogenaamde olifantenpaadje op het grasveld bij de universiteit. Elke dag liep hij over het nieuw te vormen pad en zijn creatie fotografeerde hij elke dag.

Jan Dirk van der Burg is thans Fotograaf des Vaderlands. Een van zijn projecten was ‘het olifantenpaadje (2011). Veel van zijn werk is typologisch van aard en in zijn werk weet hij de dagelijkse dingen op een bijzondere manier te tonen, met humor met een filosofische ernstige ondertoon voor wie er zo naar wil kijken. Hij maakt van veel van zijn projecten een boek. Kijk op zijn website voor meer informatie.

Een olifantenpaadje -soms ook wel afstekertje of afsnijdertje genoemd is een niet-officieel fiets- of wandelpad dat bedoeld en onbedoeld door gebruikers van de reguliere fiets- en wandelpaden in de loop van de tijd wordt gecreëerd. Van A naar C via B is altijd langer dan van A naar C. Daar hoef je zelfs de stelling van Pythagoras niet voor te kennen. Nog sterker het is één van de axioma’s in de wiskunde. De kortste verbinding tussen twee punten is een rechte lijn.

Nog even terug naar de landschapskunstenaar Long. Hij maakt in het landschap bijzondere sculpturen die hij daarna fotografeert. Hieronder staat daarvan een fotovoorbeeld. Maar op zijn website vind je er nog veel meer ….

In de aard der dingen: kunst over mobiliteit, lichtheid en vrijheid. Eenvoudige creatieve handelingen van wandelen en markeren over plaats, plaats, tijd, afstand en meting. Werkt met grondstoffen en mijn menselijke maat in de realiteit van landschappen. De muziek van stenen, paden van gedeelde voetsporen, slapend bij het gebrul van de rivier. [© Foto en tekst Richard Long]

De Nederlandse fotograaf Michel Szulc Krzyzanowski maakte vanaf 1975 tot midden jaren tachtig een groot aantal foto’s waarin het landschap een belangrijke rol speelde. Eigenlijk moet het preciezer geduid worden. Zijn foto’s gingen over tijd, ruimte en licht en waren altijd in een reeks gemaakt. Deze sequenties zijn wereldberoemd geworden. Zijn ingrepen op het landschap waren fotografisch van aard en het uitgangspunt voor hem was de fotografische reeks, anders dan bij de land-art kunstenaars. Alhoewel de verschijningsvorm veel overeenkomst heeft is het uitgangspunt anders, dat van de fotograaf tegenover dat van de landschapskunstenaar.

Op zijn Website schrijft Michel Szulc Krzyzanowski “Het maken van sequenties was een hulpmiddel in mijn persoonlijk groeiproces. In 1985 constateerde ik dat het belemmerend zou gaan worden wanneer ik daarvoor sequenties zou blijven gebruiken. De effectiviteit nam namelijk sterk af. Ook kreeg ik het gevoel dat na 14 jaar sequenties maken, alles wat er in die specifieke beeldtaal te zeggen valt door mij was vastgelegd. Ik wilde niet in herhalingen gaan vallen en doorgaan met het variëren op oude ideëen. Ik wilde geen epigoon van mezelf worden. Ik wilde verder groeien en nieuwe fotografische wegen inslaan.

Wandelen is niet alleen kunst maar kent ook een wetenschappelijke insteek. Mijn Iphone telt mijn stappen maar evenzeer mijn trapbewegingen en neemt aan dat beide bewegingen hetzelfde resultaat te moeten geven als het gaat om de afgelegde weg. Als ik 40 km heb gefietst geeft mijn stappenteller steevast ongeveer 10 km aan. Volgens recent wetenschappelijk onderzoek zou een hoog aantal stappen per dag de kans op een langer leven sterk vergroten. En hiervoor zou je niet eens 10.000 passen per dag hoeven te zetten. Mogelijk dat de Iphones van de toekomst de gedane stappen meteen omzetten in verlenging van het leven in minuten en seconden. Waarschijnlijk is het ingewikkelder, maar ja vliegen naar de Maan, Mars of Venus was lange tijd ook niet eenvoudig.

In de afgelopen weken heb ik wat meer opgelet…. Het wandelen is niet hetzelfde als het lopen. Het ‘grote lopen’ doe je in de stad of op je werk, wandelen in het bos en de heide of tijdens de lunchpauze met je collega in de nabijheid van het complex of de winkel waar je werkt. Lopen is voortbewegen zonder waarneming of mijmering. Het dient het doel om ergens te komen en je ding te doen. Wandelen is je ding doen. Misschien een op zichzelf staande kunst.

de kunst van het wandelen

versus het fysieke van het lopen

In de voetsporen van een ander, een miniwandeling of loop, niet in het museum als ‘landart’ maar gewoon op straat in Middelburg.

de kunst van het wandelen of toch het fysieke doelbewuste voortbewegen van A naar B | © Peter van Tuijl

‘sisters, walking simultaneously and yet differently within a second’, Antwerpen 2021 | © Peter van Tuijl

DE TWEEDE LEG … KRONKELS EN SPINSELS

Twee boekjes van fotovrienden krijgen in een tijd van een paar weken. Lekker is dat. Een boekje (vanwege de maat van 21 x 21 cm, spreek ik van boekje) vol met fotografie van John Moest. De titel van het boek is ‘de tweede leg’. Door het volk wordt hierover heel verschillend gedacht. Van het sneue type die -op leeftijd- voor de tweede keer opnieuw de pampers of poepluiers (oei, dat is ook weer achterhaald, maar als ‘milieubewussie’ noem ik het toch maar even) staat om te doen of te verschonen tot ‘hij is nu weer helemaal tot bloei gekomen in zijn nieuwe vaderrol’.

Van mij mag het allemaal, ik hoop oprecht dat de mens gelukkig is of wordt in het leven dat hij/zij leeft. Maar het boekje van John gaat niet over ‘de nieuwe vaders’ maar om foto’s waar hij tot dan niet -of nauwelijks- naar omgekeken had. De afvallers, het niet relevante misschien zelfs het betekenisloze beeld die bij nader inzien, zoveel jaar later, tot een hogere orde verheven worden. We kennen allemaal de relatieve waarde van het moment. Honger maakt rauwe bonen zoet. Als ik naar mijn oude negatieven of digitale bestanden kijk, komen allerlei herinneringen boven die dat ene specifieke beeld overstijgen. De foto krijgt een andere dimensie en een nieuwe betekenis door de tand des tijds. Misschien is ook je opvatting veranderd ten aanzien van de fotografie op zich. Ging het je pakweg 25 jaar geleden misschien om een mooie esthetische plaat te maken, terwijl je nu veel meer geleid wordt door de emotie die een foto bij je oproept. Door het boekje van John heb ik met veel plezier gebladerd en gekeken temeer daar de combinaties van foto’s op de dubbele pagina’s elkaar ook nog eens lekker versterken qua verhalende betekenis. En dat allemaal op een van mijn favoriete terreinen gemaakt, de straat!

Drie pagina’s uit ‘de tweede leg’ | © John Moest

Het andere boekje is van Jac Mostert en is getiteld ‘kronkels en spinsels’. Jac is fotograaf maar in dit boekje staat geen enkele foto. Nou ja, de omslag is wel een foto. In het boekje staat alleen maar tekst. Zelfverzonnen uitspraken, bijna allemaal als dubbelzinnen. Een enkele keer heeft hij zijn vondsten in drie zinnen aan het papier toevertrouwd. Het is niet dat je even op een regenachtige achternamiddag gaat zitten om ze te verzinnen. Het moet een jarenlange verzameling van observaties zijn geweest die geleid hebben tot dit soort uitspraken. Wat dat betreft is het eigenlijk net als fotografie: gegoochel met de werkelijkheid. Er valt je iets op en je maakt er een foto van. Er valt je iets in of je ziet wat en je maakt er een ‘dubbelzin’ van.

Het boekje heeft als ondertitel ‘Perfectie bestaat. Alleen in de geest.’ Eigenlijk ook een dubbelzin!

De eerste uitspraak ‘In Nederland vangen wij boeven. Met een schepnet met grote mazen.’ Niet alleen grappig maar ook maatschappijkritisch? Of dan de meer filosofische uitspraak  ‘Als je met het verleden bezig bent. Sta je met je rug naar de toekomst.’ Zo kan ik nog even doorgaan met uit het boekje van Jac te citeren. Er staan in totaal meer dan 600 uitspraken in! Vooruit nog een paar met toestemming van Jac.

‘Je kunt van bomen wel planken maken. Maar van planken geen bomen.’ En om in het kader van het -voor Oranje zo teleurstellend- EK voetbal te blijven: ‘Het is moeilijk. Om een schaduwspits op het veld te dekken.’ Ik moet er niet teveel op een dag lezen want dan is mijn dag tekort. Dus af en toe lees ik er een voor aan mijn vrouw.

Een foto moet ergens over gaan

Dat lees ik op de site van een van mijn collegae fotocoaches. Ik ben het daar hartgrondig mee eens. Soms schep je een verhaal zo van de foto af. De actiefoto van een sporter die stuiterend van de adrenaline juichend de finishlijn passeert, laat zich eenvoudig lezen. Een melancholisch portret zal minder het verhaal vertellen en meer een gevoel of emotie bij een beschouwer doen oproepen. Deze beide voorbeeldfoto’s gaan, op verschillende gronden, ergens over. Ik maak nu een strikt onderscheid maar zo simpel hoeft het natuurlijk niet te zijn. Vaak is er sprake van ‘en-en’. Zowel bij de ‘verhalende’ foto als de meer emotioneel gerichte foto moet de beschouwer niet alleen open staan bij kijken naar de foto, maar ook een foto willen zien. Zien is meer dan kijken alleen. Zien streeft naar het geven van betekenis van het kijken. Kijken doe je met je ogen. Zien is een rationele én emotionele bezigheid. Deze dubbele bezigheid veronderstelt kennis en vaardigheid en heeft van doen met competenties als aandacht, openstaan voor het andere en sensitief reageren. Foto’s zijn er in vele ‘soorten en maten’ en we zien naast de verhalende en de emotioneel getinte foto’s ook de abstracte non-figuratieve foto’s voorbij komen. Gaan die ook ergens over? Niet over de situatie, het verhaal, ook niet over de emotie zoals zichtbaar in bijvoorbeeld het portret, een landschap of stilleven. Het portret, landschap, stilleven verwijzen naar de werkelijkheid, naar het ‘herkenbare’ (of minder herkenbare). In de meeste abstracte foto’s ontbreekt die verwijzing. Heel vaak zoeken we toch een parallel met de wereld om ons heen. De abstracte foto die op een landschap lijkt of verwijst naar het universum. Als zelfs dat niet aan de orde is, lijkt de foto elke betekenis verloren te hebben. Dat moet je natuurlijk niet aan de maker vragen. Voor hem of haar is er wel degelijk sprake van een betekenis. Vaak als uiting van een creatief proces, vaak ook als uiting van een innerlijke beleving, vaak ook als een esthetische schepping van vlakken, lijnen, kleuren en wat dies meer zij. Bij dit soort foto’s telt de waarde van het proces of de gemoedstoestand waarin het gemaakt is dan wel het esthetische dat de de foto vertegenwoordigt. Daarom wil ik de uitspraak ‘een foto gaat altijd ergens over’ enigszins nuanceren in ‘een foto heeft altijd betekenis’.

Zelfs als we denken dat een foto nergens over gaat, heeft de foto naar mijn idee nog steeds betekenis. Altijd voor de maker én (hopelijk vaak) voor een beschouwer die herkent (of erkent) wat de maker heeft beroerd of waarom hij/zij het gemaakt heeft.

Deze foto maakte ik vorige week van enkele krakers die vlak aan de boulevard in Noordwijk zich enkele panden hebben toegeëigend. Uiterst vriendelijk stonden ze mij te woord. Een van hen maakte de opmerking dat de meeste mensen hun geen blik waardig keurden en ik hen zomaar aan sprak. Enfin het verhaal in de foto is wel duidelijk zichtbaar onder andere door alle huiselijke spullen voor de deur en bovendien is hun houding er een van alledaagse gezelligheid. In het pand was Viev1 gevestigd. Ik heb even opgezocht waarvoor Viev1 staat. Daarmee krijgt de foto nog net weer een ander ‘verhaal’. Grappig hoe dingen bij elkaar kunnen komen.

Viev1 personal training en bootcamp heeft maar één missie – jou helpen bij het streven naar een gezonde en energieke leefstijl. Hoe druk je ook bent, wat je conditie ook is en welke budget je ook hebt, wij zorgen er samen voor dat sport een vast onderdeel wordt van je leven. Een routine waar je naar gaat hunkeren.” [citaat van de website van VIEV1]

ANTWERPEN PHOTO

Van 26 juni tot 26 september is het historische Loodswezengebouw, tussen de Schelde en het MAS, de uitvalsbasis van het 2e AntwerpPhoto Festival. Wat is er te beleven? Ontdek wat er vandaag leeft in fotografie en kies uit een uitgebreid programma.

Ga naar de site en bekijk het interessante programma. En vergeet niet de Internationale Dag van de Fotografie op 19 augustus 2021. Maak er wat van!

4-7-2021 | sunday 18 degrees Celcius | from the train near Nijmegen | © Peter van Tuijl

de KAMER

De Franse Magnum-fotograaf Raymond Depardon (1942) maakte meer dan 40 boeken en vele films. Hij werd geboren in Villefranche-sur-Saône en leerde op jonge leeftijd het fotograferen van de plaatselijke opticien. In 1958 sloeg hij zijn vleugels uit en vertrok naar Parijs. In 2020 gaf hij een nieuw boek uit met oud werk, namelijk foto’s van de boerderij van zijn ouders uit zijn jeugdjaren.

La Chambre | © Raymond Depardon

Het is een poëtisch en beschouwend werk geworden en zeker verrassend te noemen als je kijkt naar het werk waarmee Depardon later furore maakte. Hij fotografeerde o.a. de sloppenwijken in Glasgow, politiek beladen onderwerpen in Amerika en de psychiatrie in Italië.

La Chambre | © Raymond Depardon

De foto’s uit zijn vroege jeugd werden gemaakt met lange sluitertijden met een grootformaat camera.  Elk beeld laat een stil tafereel zien binnen en rond de boerderij. De kleinste details werden zijn fotografische onderwerpen: een stoel, een tafel, behangpatronen. Elke foto en de elementen erin roepen herinneringen op van degene die er naar kijkt, ongeacht of je vroegere thuis een boerderij was of een stadse woning. De foto’s herbergen een spanning tussen wat was en wat is geworden. Een verwijzing naar het verleden.  

USA. Chicago. Grant Park. Anti-Vietnam war protest. 1968. | Raymond Depardon

Een aantal jaren gelden ontmoette ik Depardon in Arles waar hij een grote overzichtsexpositie had. Het veelkoppige publiek hing aan zijn lippen. Bij elke foto ging hij in op de betekenis die de foto voor hem had. We luisterden naar een fervente liefhebber van fotografie én het leven van alledag.

Een bekende uitspraak van Depardon is “Ik dacht aan niets anders dan fotografie”

Het is de vraag of een dergelijke uitspraak de waarheid is of in sociaal opzicht ook als goed te betitelen is, maar het tekent de man en zijn werk natuurlijk wel.

Het boek La Chambre is als een nieuw limited edition-boek verschenen en voor 200 euro te koop…. Voor verzamelaars een aanrader, denk ik. [Voor als je verder een indruk wilt hebben, klik dan hier.]

Het werk van de Franse fotograaf Raymond Depardon is in Nederland vrij onbekend. In 2005 schreven Frits Gierstberg (Curator Nederlands Fotomuseum Rotterdam) en Nico de Klerk (onderzoeker van het Nederlands Filmmuseum) een boek (twee essays) over de fotograaf/filmer. Juist de combinatie -de cross over- van fotografie en film maakt Depardons werk belangrijk. [Raymond Depardon Photographer and Filmer, Engels 144 pagina’ | 9789059730403]

See the world

Fotografen kijken per definitie naar de wereld. Wat de fotograaf wil zien, toont hij anderen. Soms is dat de echte wereld, of de wereld zoals je deze graag zou zien. Ook de fictieve wereld wordt getoond evenals de persoonlijke wereld. De waarheid over de wereld bestaat dan ook nauwelijks, denk ik. Het is datgene wat je ziet, beleeft of ervaart. Wat voor de een de waarheid is wordt door de ander als een leugen gezien. In deze tijd zijn al heel wat wappies én niet-wappies over elkaar heen geduikeld. De leugen regeert, ook na Trump, zolang mensen hun eigen beelden als waarheid verspreiden.

the truth wins from the lie ? | foto Peter van Tuijl

Afgelopen periode maakte ik vier korte impressies met mijn leugenachtige waarheden, met foto’s die al weer een tijdje geleden gemaakt zijn. Archiefwerk zou je het kunnen noemen. Maar de waarheid is het nog steeds niet. Een van de impressies kun je hier bekijken, maar neem ze met een korreltje zout.

ENCOUNTERS in VENICE

Venetië is al op slot sinds 23 februari 2020 sinds daar voor het eerst het coronavirus werd geconstateerd. De pruiken en de oude japonnen ten spijt besloot de provincie destijds per direct maatregelen te nemen en het carnaval af te gelasten terwijl in Brabant het feest gewoon -in alle hevigheid- losbarstte. Toeristen zijn er sindsdien nog nauwelijks geweest. Maar als de hele wereld gevaccineerd is zal het er weer als vanouds aan toegaan. Met miljoenen tegelijk zullen weer te vinden zijn in de met water omgeven stad. Mijn ontmoetingen vóór de corona in dit ruim vier minuten durende filmpje. Voor als je wilt kijken.

MIKADO

Uit de serie ‘Mikado’ | © Igor Omulecki

Deze foto en soortgelijke andere foto’s van de Poolse fotograaf Igor Omulecki kwam ik tegen in het maartnummer van het Duitse Fotomagazine PHOTONEWS [Zeitung für Fotografie]. Is het autonome kunst of vertelt de fotograaf iets over oorzaak en gevolg, heeft het met structuur van materialen te maken of gaat het gewoon over mooie kleurtonen. In ieder geval werd ik getriggerd om er langer naar te kijken en op zoek te gaan naar deze fotograaf. Igor Omulecki [Lodz, 1973] heeft er voor doorgeleerd om als kunstenaar door het leven te kunnen gaan. In 1994 behaalde hij het diploma aan het college voor theater- en filmkunsten, in 2015 een graad in de fotografie en in 2018 nog een mastergraad aan de academie voor de kunst in Szczenin. Ik ben niet echt op de hoogte van het kunstonderwijs in Polen om e.e.a. in te kunnen schatten maar er klinkt in ieder geval gedrevenheid en de wens tot vergroting van deskundigheid in door. Op zijn website zie ik dat hij in de laatste jaren veel seriematig werk maakt met een sterk conceptueel en autonoom karakter. Dat was eind jaren negentig nog net wat anders. Daar zie je vooral foto’s van mensen -vrienden wellicht- op een persoonlijke manier in beeld gebracht.

1997 © Igor Omulecki
2000 © Igor Omulecki

Over Mikado schrijft hij dat de inspiratie voor deze serie ontstond toen hij zijn zoontje van negen zag spelen en bouwen met houten materialen. Hij heeft vervolgens allerlei objecten -voorkomend in de natuur of in de ‘technologische wereld’- gefotografeerd en zijn foto’s als installaties met behulp van de computer opgebouwd. Zijn argumentatie of artistiek statement is …. “We benaderen computertechnologieën met afstand en wantrouwen. Hoewel we ze beschouwen als niet behorend tot de biologische wereld, sluiten we ze uit van de cirkel van de natuur. Dit begrip, waarin we sterk differentiëren tussen technologie en natuur, is gebaseerd op de overtuiging van wederzijds isolement van verschijnselen in onze wereld. We vergeten dat technologie een creatie is van een biologisch mens. Alle uitvindingen zijn geconstrueerd op basis van en lijken op onze zintuigen en mogelijkheden om ze te gebruiken. Op deze manier is technologie een uitbreiding en evolutie van de biologische wereld. Interessant is dat de mens als biochemisch fenomeen de neiging heeft om anorganische verschijnselen te marginaliseren. Alsof het universum alleen leven omvatte. Het is een egocentrisch en beperkt denken. Ik zie een man als een biologische machine.”

Zo dat is nog eens een mooie verklaring voor je werk. Wat ik misschien in eerste instantie zie als een spielerei of een ‘ver-weg-van-de-werkelijkheid- krijgt door dit statement een veel diepere betekenis. Soms heb je het verhaal van de fotograaf nodig om zijn strevingen en uitingen te kunnen begrijpen of er minstens begrip voor te hebben.

Alhoewel de vergelijking kant noch wal raakt doet dit me plotseling wel denken aan de poppen van Hans Bellmer uit de jaren 30-40 van de vorige eeuw.

The Doll c.1936 Hans Bellmer 1902-1975 Presented by Tate Members 2003 http://www.tate.org.uk/art/work/T11781

Bellmer [Katowic, Polen 1902- Parijs, Frankrijk 1975] zei destijds over ‘zijn’ poppen onder andere …..“Het geslacht is geprojecteerd op de oksel, het been natuurlijk op de arm, de voet op de hand, de tenen op de vingers. Zo ontstaat er een eigenaardige mengeling van echt en onecht, van wat mag en niet mag, waardoor het ene bestanddeel aan realiteit wint wat het andere daaraan inboet.” Wat destijds wellicht als ridicuul, minderwaardig of pervers werd gezien bleek voor Bellmer een artistieke uiting om de niet-werkelijkheid, de surrealiteit, weer te geven. Overigens in verschillende kringen werd hij door zijn uitleg er niet minder om verguisd.

Wat weet u van dansen ?

Mijn vrouw vroeg me laatst of we nog op dansles zouden gaan. Eens voelde ik me een hele piet als ik de tango met haar danste. Maar al snel werd me duidelijk dat, ondanks mijn soepele tred in het dagelijks leven, dansen niet echt mijn ding was. Althans om het zelf te beoefenen. Ik ben nog van het tijdperk van de Beatles en de Rolling Stones en de wat vreemde heupbewegingen en losjes uit de pols gebaren gingen me dan ook goed af. Maar echt dansen, ho maar, ondanks dat ik haar op een dansavondje heb ontmoet. De vraag over dansles verbaasde me dan ook enigszins, maar gelukkig bleek het een grapje naar aanleiding van een cartoon in de Volkskrant.

de dans, Rotterdam 2014 | foto Peter van Tuijl

Toch overweeg ik nu serieus om me op het vlak van de dans te gaan bewegen. Aanleiding is de aankondiging die ik al een tijdje geleden onder ogen kreeg van Gery ten Broek. Gery is een voortreffelijk portretfotograaf die in deze corona tijd al weer vooruit kijkt. “Voor als we al weer mogen en kunnen”, zegt ze. Zij en Petra Teeuwsen -eveneens fotograaf met specialisatie dans- hebben de handen ineen geslagen en gaan in de zomerperiode een masterclass geven. Nu de vaccinatie stilletjes op gang komt en de lockdown zijn hoogtepunt wel bereikt lijkt te hebben, kijken we allemaal reikhalzend uit naar het contact. Ik had het bijna met hoofdletters geschreven het CONTACT. De realist in me zegt dat knuffelen -anders dan met je eigen geliefde- er voorlopig zeker nog niet inzit, maar samenkomen op mogelijk iets minder dan ‘anderhalvemeter’ ligt wel degelijk in het verschiet. Dus zo’n masterclass is zo gek nog niet. Zeker omdat portret en dans twee disciplines zijn die fotografisch prachtig tot uitdrukking gebracht kunnen worden. Voor de liefhebbers op naar het licht -La Lumière- in Nuth deze zomer!

Voor verdere informatie raadpleeg de websites! La LumièreGery ten BroekPetra Teeuwsen

Deze keer met meer mondkapjes

DAILY LIFE jaarboek 2020

Ontegenzeglijk is 2020 het vreemdste jaar in de jongste geschiedenis, zeker in mijn geschiedenis. De Watersnoodramp in 1953 zal ongetwijfeld ook een geweldige impact hebben gehad maar in mijn vroege jeugd heb ik daar weinig van meegekregen. Iets anders was wellicht de oliecrisis met zijn autoloze zondag of het jaar waar we te hoop liepen tegen de kruisraketten. Maar het zijn peanuts vergeleken bij dit jaar, althans zo ervaar ik het.

Corona heeft ons land – de wereld – in de greep. Op allerlei fronten. De anderhalvemeter samenleving heeft ons dagelijks leven drastisch veranderd. Grenzen dicht, blijf thuis gekluisterd aan tafel en bed. De overheid maakte soms onnavolgbare rare sprongen net zo vreemd overigens als de virusontkenners of de fake-news aanhangers. De contrasten lijken groter dan ooit. Ons klimaat, bijna naar de knoppen, telt voorlopig niet mee. De economie in het slop, althans een deel ervan. Anderen kunnen hun food niet aangesleept krijgen om de winkels te bevoorraden en de bol-punt-coms en andere onlinediensten bereiken recordomzetten. Er dreigen bedrijven om te vallen en de geldkraan staat voor miljarden open. De voedselbanken zien hun marktaandeel verdubbelen maar we blijven een rijk land of zoals onze MP bij voorkeur zegt ‘een bijzonder gaaf land’. Musea open, musea dicht, mondkapje niet zinvol, toch maar opzetten. Verplicht zelfs. Op scholen is niets aan de hand volgens de deskundigen van het RIVM. Toch maar sluiten onder druk van de publieke opinie. Nu wel weer open met of zonder snotneus. Tijdens de tweede golf zijn de wetenschappers vol twijfel. De kleintjes blijken toch grote verspreiders te kunnen zijn. We klappen voor de zorg, de overheid besluit tot een eenmalige bonus. Dat moet genoeg zijn. Niks structureel, corona is dat ook niet. Denken we en hopen we.

Er is niets teveel gezegd om te spreken van een historisch jaar. En nog, op dit moment als het jaarboek is afgeleverd, raast de pandemie voort. Lijkt zelfs zijn hoogtepunt in de tweede – of is het al de derde – golf te bereiken. Het kan dan ook niet anders dat in dit jaarboek zichtbaar wordt hoe ons dagelijks leven anders was. Maar ik heb het boek niet specifiek daarvoor gemaakt. Ik maak de jaarboeken al een jaar of tien. Deze keer met meer mondkapjes, maar eens gaat dat weer over!

Zoals al vele jaren liet ik mijn jaarboek drukken bij Drukwerknodig. Ook als je niet meteen drukwerk nodig hebt is het de moeite waard om de website te bezoeken, zowel voor fotografen en niet-fotografen. Ik ben sinds een flink aantal jaren aan deze drukker verslingerd geraakt. Kwalitatief uitstekend spul tegen een mooie prijs. Dat geldt voor de boeken maar ook voor fotoposters of visitekaartjes. Gisteren bracht de pakketdienst het bijna 4 kilogram wegende boek. Ik ben er mee in mijn sas.

BEELDHONGER

Hans Neinhuis stuurde me een mail met als titel ‘INSPIRATIE OOK’.

Deze foto stuurde Hans in 2020 voor een jubleumboek. De corona had reeds zijn intree gedaan. De tekst die hij aanleverde was: # Don’t stand, don’t stand so # Don’t stand so close to me # Nog even van toepassing, hopelijk niet lang meer! | © Hans Neinhuis

Dag Peter, Musea en exposities bieden ff geen inspiratie helaas. Geestelijk , ik heb altijd wel honger, en financieel minderbedeelden moeten dan creatief zijn. Boeken kunnen een oplossing zijn. Toen ik nog Zwart/Wit dacht las ik de Engelse Black & White. Die hadden eens een maandelijks item : Building a Classic Photography Library. Weer eens van stal gehaald, het is gestopt in 2013. Maar in deze donkere dagen een goed alternatief voor de donkere kamer.

50 boeken over fotografie, zo te zien en zo te lezen. En dat voor nop! Twee boeken heeft Hans al voor ons uitgezocht Als je eenmaal op deze site bent kun je in het selectie vak een boektitel of auteur typen of gewoon Photography … toegang tot vele boeken.

Street Photography: From Atget to Cartier-Bresson | Clive Scott | download (1lib.nl)

Vivian Maier: Street Photographer | Vivian Maier, John Maloof, Geoff Dyer | download (1lib.nl)

Met dank aan Hans

Het barst van beelden

Nederland heeft er even over gedaan maar in de huidige pandemie met toenemende mutanten zijn mondkapjes ons niet vreemd meer. Ook in beelden zien we dat terug. Vanochtend had ik een zoomsessie met fotografen van de Landelijke Groep Documentaire Fotografie en daar passeerden ook enkele fraaie staaltjes. Van een stilleven tot een typologisch frame met 40 weggeworpen maskers. Zojuist kreeg ik een mail van het Social Documentary Network waarin een prachtig YOUTUBE filmpje werd voorgeschoteld waarin de verschillende fotografische invalshoeken prima getoond worden.

HERWONNEN ZELF

Vorig jaar rond deze tijd maakte ik een aantal portretfoto’s van Bianca Pauline. Ze is zelf een uitstekend fotograaf en ze maakt heel bijzonder werk. In het voorjaar is er een grote expositie van haar werk in het Rietveld Paviljoen in Amersfoort en verschijnt haar eerste boek.

Ik maakte de portretten met het oog op een kleine expositie die ik met collega fotografen in mei 2020 zou hebben over het thema VRIJHEID. Er is een periode geweest dat Bianca’s vrijheid -door een heel vervelende ziekte- ver te zoeken was. Er zijn betere tijden gekomen -gelukkig- waaraan ze zelf hard heeft gewerkt. HERWONNEN ZELF heb ik het tweeluik uiteindelijk genoemd.

Herwonnen Zelf | met dank aan Bianca Pauline | © Peter van Tuijl

Dit beeld werd 3e in de Open Foto Cup 2020 met als thema Vrijheid in verleden, heden en toekomst. Volgens de jury, bestaande uit: Tom Meerman, Rob ’s Gravendijk en Jan Donders, waren er een paar honderd inzendingen en ze spraken van foto’s van hoge kwaliteit.