In zekere zin is elke fotograaf een verzamelaar. Zeker niet elke fotograaf zoekt fysieke objecten, maar het verzamelen van koppen, situaties en zelfs abstractie zou je kunnen rekenen tot het sparen van iets dat je interesseert. Een bijzondere verzamelaar, pardon fotograaf is Christopher Herwig. Hij is Canadees en tijdens een fietstocht van Londen naar Sint Petersburg (2002) fotografeerde hij de bushaltes die hij tegenkwam, vóórdat ze gesloopt worden.
Het bleef niet bij die ene fietstocht. Hij heeft vijftien jaar lang door de landen van de voormalige Sovjet landen gereisd op zoek naar bushokjes. De fascinatie was de kenmerkende en unieke architectuur. Uniek omdat ze vaak door plaatselijke bewoners waren vormgegeven en gebouwd, vrijwilligers, kunstenaars in spé maar zeker geen professionele architecten. Daarmee ‘verzamelde’ hij niet alleen de bushokjes maar ook de vrije geesten die in de verschillende landen van het Sovjet tijdperk zichtbaar werden.
In 2015 werd een boek gepubliceerd en had hij in die dertien jaar inmiddels meer dan 25.000 km rondgereisd om bij zijn bushokjes te komen, soms in de middle of nowhere. Bushokjes verzamelen en daardoor rijke verhalen met de plaatselijke bevolking over creativiteit, (vermeende) vrijheid en het dagelijks leven. In 2017, na nog eens zoveel kilometer reistijd volgde een vervolgboek.
Volgens mij is de jacht op het object uiteindelijk het verzamelen van gedachten, creatieve uitingen en menselijk samenzijn. Wat het is dat de fotograaf fotografeert is misschien wel het minst belangrijk… en ook daar kun je een andere mening over hebben.
In oktober 2025 fotografeerde ik de Marathon in Eindhoven en een week later die van Amsterdam. Twee grote evenementen met heel veel lopers, waaronder mijn kleinzoon en zijn vriendin, en een veelvoud aan belangstellenden. Van beide heb ik een sfeerimpressie gemaakt.
Als je wilt kijken klik dan op een van de twee foto’s.
Soms als ik kijk op LinkedIn -of vroeger nog op Instagram of Facebook [ze kunnen om verschillende redenen niet meer rekenen op mijn deelname]- bekruipt me het gevoel dat foto’s soms wel heel veel lijken op andere foto’s. Misschien is het niet zo gek als we ons realiseren dat we leven in een wereld waarin dagelijks naar schatting 5,3 miljard foto’s wordengemaakt [2025]. Dat komt neer op ruim 60.000 foto’s per seconde. Logisch toch dat er gelijksoortige of zelfs dezelfde foto’s worden gemaakt. Toch propageer ik in lezingen, workshops of mentoraten persoonlijke fotografie die zichtbaar wordt door eigen onderwerpkeuze en stijl van fotograferen en uitwerken. Dan nog kan het zijn dat sommige beelden erg veel op elkaar lijken. Toch kan ik me niet aan de indruk ontrekken dat er in sommige genres een run is ontstaan op stijlimitatie. Deze week kwam het interview met straatfotograaf Phil Penman voorbij. Vanuit bovenstaande gedachte spraken zijn woorden in de intro mij aan. Niet alleen daarom verwijs ik graag naar het interview, maar zeker niet alleen daarom. Kijk zelf maar …
In 1983 reisde ik voor het eerst naar Hongarije, het communistische land met toen al een vleugje Westen. Aan de grens werden we tegengehouden door de douane man uitgerust met een heuse stengun en op de aanplakborden de boodschap ‘NO PORN en NO DRINK’. Het zag er gevaarlijk uit en het duurde ook nog eens een eeuwigheid voordat alle papieren gecontroleerd waren alvorens we de grens over mochten. Verder is de reis voorspoedig verlopen behoudens een ziekhuisbezoek vanwege een verbrande hand van een van de kinderen en een blaasontsteking van een van de meiden omdat ze geen genoeg kreeg van termaal- en andersoortige zwembaden. Maar het moet gezegd, sinds dat jaar reisden we nog vijfmaal naar het land, de laatste keer in 1989, een paar weken voor de ‘val van het IJzeren Gordijn’.
De tweeling van Eger 1983
In 1983 maakte ik deze foto van de tweeling Andrea en Veronica op de trappen van de grote kerk in Eger. Ik ben niet de eerste en zeker ook niet de laatste die naar de camaera grijpt als er tweelingen in de buurt zijn.
Tweeling in de Chinese wijk, Atwerpen 2021
Fay en Gay
Fotografe Samantha Yancey heeft een prachtige documentaire serie gemaakt over Fay en Gay.
Fay en Gay doen al bijna 90 jaar alles samen. De tweelingzussen, geboren in 1936, hebben nog geen dag van elkaar gescheiden doorgebracht. Ze bouwden samen hun huis, werkten samen, gingen tegelijkertijd met pensioen en blijven hun dagen indelen volgens dezelfde rituelen: breien, puzzelen, het bakken van hun speciale snoepjes. Ze vieren het leven met hun buren en in het ‘tweeling zijn’ is feitelijk nog niets verdwenen: ze kleden zich zelfs nog steeds hetzelfde, hun eigen keuze – altijd twee van alles. Kijk hier op de site van Photo.com voor een uitgbreide documentaire over de twee zussen.
Dichter bij huis ontdekte ik een jaar of acht geleden de Groningse fotografe Gea Schenk, ook vanwege tweelingen.
POPPO en ENGEL
Gea Schenk (1970) is in 2012 afgestudeerd als sociaal en documentair fotograaf. Ze fotografeert mensen zoals ze zijn, zowel met hun aardigheden als hun eigenaardigheden. Het zijn de dagelijkse dingen van de mensen waarnaar ze op zoek is, naar de eigenheid en de echtheid van de mens. In 2014 werd de serie Poppo en Engel genomineerd voor de SO Award of Dutch Photographers.
In 2012 ontmoet fotografe Gea Schenk de tweeling Poppo en Engel (1927). Altijd waren de broers samen. Gea Schenk volgt ze ruim twee jaar in hun nieuwe aanleunwoning en maakte een intiem verhaal op over verbroedering en verbondenheid. Er verscheen een prachtig fotoboek over.
Mary Ellen Mark
Als je eenmaal in de geschiedenis duikt van tweelingen in de fotografie, dan mag de naam én het werk van de Amerikaanse fotografe Mary Ellen Mark[1940-2015] niet ontbreken.
In de zomers van 2001 en 2002 reisde Mary Ellen Mark met een grootformaat Polaroidcamera naar Twinsburg, Ohio, voor het jaarlijkse Twins Days Festival. Fascinerend zijn zowel de fysieke gelijkenis van de eeneiige tweelingen vast als juist de subtiele verschillen tussen elk paar. Ze maakte een jaar later het boek TWINS en daarvoor interviewde ze verschillende tweelingen telefonisch. Met een scala aan anekdotes en serieuze verhalen legde ze de intense band tussen broers en zussen heel persoonlijk vast.
De Nederlandse fotografen Monique Eller en Bodine Koopmans werkten in 2015/2016 samen aan het project Double Dutch met hedendaagse beelden van tweelingen van 3 tot 93 jaar. Daarvan maakten ze samen een mooie expositie over. Kijk hier als je meer wilt weten over het project.
Anders en toch gelijk …
Diana Arbus
In het werk vanDiana Arbuswordt altijd het ‘Andere’ weerspiegeld! Twee belangrijke terugkerende thema’s in haar werk waren ‘andersheid en anders-zijn’. Arbus was van nature bedreven in het ontdekken van de eigenaardigheden van mensen en hun vermogen om het bizarre te omarmen. Zo wordt ook gesproken over de ogenschijnlijk lieve foto van twee zusjes, de identieke tweeling Roselle (1967). Het is een iconische foto die volgens Arbus zelf tot één van haar beste behoorde. Mensen interpreteren de foto in eerste instantie vaak als heel gewoon. Maar dan ontdekken ze de verschillen in de gelijkenis en juist die verschillen bepalen de betekenis én de kracht van het beeld. Het begrip tweeling wordt als het ware door deze foto ‘ter discussie’ gesteld. Waarom zijn ze zo verontrustend anders …
Roger Ballen
Een andere fotograaf die met slechts één foto van een tweeling de wereld schokte is Roger Ballen. Ballen begon met fotograferen tijdens zijn werk als geoloog in Zuid-Afrika . Door zijn baan kon hij bijna elk klein dorp en stadje in Zuid-Afrika bezoeken, waardoor hij beelden kon vastleggen van de bewoners en arme blanke kolonisten die aan de rand van de samenleving leefden, waaronder de tweeling Dresie en Casie [gefotografeerd in 1993].
Op de foto lijken zij enigszins angstaanjagend, misschien zelfs gemeen enin ieder geval enigszins achterdochtig…. Waarschijnlijk omdat ze niet wisten wat de fotograaf met hen deed. De foto toont de tweeling, boerenjongens, in vuile kleren met warrig haar, terwijl hun monden kwijlen en hun shirts nat maken. De foto verrast velen en er werd en wordt soms ook heel afkerend op gereageerd. Anders dan bij Arbus waar het verschil tussen twee jonge mensen met dezelfde genen tot een andere ‘zijn’ aan de orde is, lijkt Ballen met zijn foto veel meer de zwakke sociale en maatschappelijke positie van mensen op het platteland tot onderwerp te kiezen.
er lijkt geen eind te komen aan de verhalen over tweelingen ….
Ik bedenk dat ik eerder blogs heb gemaakt over fotograaf Colette Lukassen. Een van haar series ging over ‘gelijke genen’. Daarbij zit ze op het spoor van de tweelingen. Echter Colette stelt de vraag naar de gelijkheid van de genen. Is het alleen 100% of mag het ook minder zijn… , 50% bijvoorbeeld. Een serie die gemaakt is in een periode voorafgaand aan de keuze voor pleegouderschap. Verwarring van gevoel voor eigen kinderen t.o.v. een pleegkind, op zoek naar een gevoel van liefde voor andere genen dan de ‘eigen’.
De vraag naar ‘hetzelfde zijn’ in relatie tot de genetische afkomst, is het thema van de Franse fotograaf Francois Brunell. Hij zoekt en fotografeert op elkaar lijkende mensen, maar die geen familie van elkaar zijn. Hij heeft inmiddels al meer dan 250 look-alike-portretten gemaakt. Tweelingen, zeker eeneiige, zijn altijd dubbelgangers. Maar dubbelgangers die elkaar niet eens kennen en soms meer dan duizend kilometer van elkaar wonen …
Sanne Terlouw maakt een documentaire reeks met 52 eeneiige tweelingen. Ze beperkt zich niet tot het ene portret, maar voorziet het ‘leven’ van de tweelingen van context door meerdere foto’s en hen te maken in verschillende situaties. Met name daardoor kun je weer anders gaan kijken naar verschillen tussen de mensen. De titel van haar project is een onderstroom van liefdewat m.i. ook veel zegt over de intentie van de fotograaf. Sanne is schrijfster en de foto’s gaan dan ook gepaard met interviews. In 2021 verscheen een boek van het project en dat is op haar website te bestellen.
Peter Zelewski [Detroit, woont in Londen] is portret- en documentairefotograaf. Zijn portretfotografie richt zich op het verkennen van mensen, cultuur en het hedendaagse stadsleven. Hij maakte een documentaire over eeneiige tweelingen. Ondanks dat de mensen voortkomen uit hetzelfde basismateriaal ontwikkelen ze zich vaak tot heel verschillende volwassenen. Een verschillende stijl, hobby’s en smaak is eerder gewoon dan je aanvankelijk denkt. Mensen maken eigen keuzes waardoor hun levens verschillende kanten op kunnen gaan. Maar meestal blijft er ondanks de verschillende levens een hechte en liefdevolle band bestaan. Die combinatie van individualiteit en hechte band interesseerde en stimuleerde Zelewski tot dit project. https://peterzelewskiphotography.com/alikebutnotalike
“Ik heb ruim vier jaar besteed aan het onderzoeken van de unieke, eigenzinnige relaties tussen verschillende sets identieke tweelingen, terwijl ik me tegelijkertijd afvroeg hoe identiek ze werkelijk zijn. Sommigen verloren op onverklaarbare wijze tegelijkertijd hun gehoor, anderen ontgrendelen elkaars telefoons met hun ononderscheidbare vingerafdrukken en, misschien nog verrassender, sommigen konden het niet met elkaar vinden. Deze verzameling van 44 krachtige en ontroerende portretten, vergezeld van intieme citaten, geeft inzicht in een van de meest fascinerende menselijke relaties. Om uw exemplaar van ‘Twins’ rechtstreeks bij Hoxton Mini Press te bestellen, klik hier .” [Citaat van de website van Peter Zelewski]
Sanne de Wilde en Bénédicte Kurzen
Voor Sanne de Wilde zijn tweelingen brengers van geluk en welvaart. Zij heeft samen met Bénédicte Kurzen een project gedaan in Nigeria [2018-2019].
Werkelijk een heel bijzonder project met, als je het mij vraagt, een grote documentaire waarde. Daarom een geweldige afsluiter van deze blog.
Ieder mens met een broer of zus is ‘een deel’ van een tweeling, niet in de formele wereld maar in de spirituele. Dit is een wijdverbreid geloof in Nigeria. De twee fotografen waarvan Bénédicte in Nigeria woont en Sanne er vaak verblijft maakten de fotoserie met tweelingen [Land of Ibeji] die horen bij de traditie onder het Yoruba-volk. Deze serie is eerder bekroond met de eerste prijs voor portretten bij World Press Photo. .
Ik heb al eens eerder gewezen op het belang van LensCulture. Als fotograaf kun je foto’s naar ze sturen voor wedstrijden of met werk opgenomen te worden in hun collectie. Verder schrijven ze zeer lezenswaardige artikelen en geregeld is er een interview te lezen met bekende en wat minder bekende fotografen. Zo ook deze keer, een interview met Scott Offen over een ’thuisproject’. In mentoraten die ik geef, wordt met enige regelmaat gekozen voor een project in een huiselijke kring. De wat ouder wordende ouders, de geboorte van een kind, de puberteitsfase en dergelijk. Hele persoonlijke projecten waaraan binnen een mentoraat gedurende een klein jaar aan gewerkt wordt. Scott Offen werkte samen met zijn vrouw gedurende zeven jaar aan een intiem en persoonlijk project over ouder worden, relaties, gender en uniciteit. Lees het interview dat Sophie Wright (voor LensCulture) met Offen had.
Op mijn website staat in ‘mijn wie ben ik’ dat William Klein, Mark Cohen en Martin Parr mijn grote voorbeelden waren toen ik in de jaren tachtiig serieus begon te fotograferen. Je kunt ze de inspiratiebronnen van destijds noemen, waarvan de waarden van hun fotografie nog steeds, weliswaar fragmentarisch, zichtbaar zijn in mijn huidige fotografie. Het blijft nooit bij die oorspronkelijke grootheden die je als fotograaf gevormd hebben. Nieuwe fotografen, grote nieuwe meesters maar ook onbekende namen, beïnvloeden je werk voortdurend.
Nick Hannes is zo’n fotograaf die naar mijn idee geweldig werk maakt. Ik bewonder zijn aanpak en in de uitwerking het onverwachte en zijn enigszins humorvolle blik. Ook zijn maatschappelijk engagement is van belang om hem, als fotograaf maar vooral ook als mens, te ‘omarmen’. Ik heb twee belangrijke boeken in mijn boekenkast staan. Red Journey uit 2009 met daarin een beeld van het communisme, de val en de werelwijde impact daarvan. Ik kocht een gebruikt exemplaar met hier en daar een kreukel vertoont, maar evengoed een rijkdom aan (ver)beeldend bezit. Het andere boek ‘Garden of Delight’, mogelijk vind ik dat nog imposanter, geeft een beeld van het hypermoderne Dubai. Ik ben er nooit geweest maar het boek is een waanzinnige belevenis voor mij.
Recent kwam ik via EYESHOT zijn allernieuwste boek MIRAGE (2025) tegen. In het boek komen zijn vier belangrijkste projecten aan bod. Een jaar eerder (2024) verscheen al het boek NEW CAPITAL waarin hij zes nieuwe grote steden, metropolissen tot leven laat komen.
Zeer de moeite waard is het interview met Nick Hannes (de 33e uizending) op het YouTube kanaal van EYESHOT). Een inkijkje in de straat- en documentaire fotografie met in mijn ogen belangrijke uitspraken in het algemeen en specifiek over het werk van Hannes.
MARIE SUEUR is een Franse fotografe die haar roots heeft liggen in Kameroen. Over haar fotografie schrijft ze zelf dat ze een voorliefde heeft voor het imaginaire en voor verhalen vertellen. Het zijn heel persoonlijke verhalen waarin het ongrijpbare, het mystieke en emoties voelbaar zijn. Wat mij betreft gaat het niet zozeer over wat je ziet als wel over wat je voelt als je haar foto’s bekijkt. Ze is autodidact en schuwt het experiment in de beeldtaal zeker niet. Wellicht moet je haar kunstenaar noemen die als medium fotografie hanteert.
Over de serie ‘fluisteringen van de ziel’ schrijft ze op haar website: “In een wereld die alles monitort, analyseert en controleert, ben ik gefascineerd door de schaduwen, de mysterieuze plekjes die zelfs de meest geavanceerde technologieën nog niet kunnen koloniseren. Te midden van deze ongetemde gebieden bevinden zich dromen, een uitgestrekt continent vol ambiguïteiten en duizeligheid, dat zijn waarheden fluistert in de taal van symbolen en dagdromen.”
NEEM EEN KIJKJE en eventueel download het boekje ….
De keuze voor de 12 foto’s is niet gebaseerd op een diepgaande analyse. Het is een vluchtige, intuïtieve opdracht die ik mezelf heb opgelegd in de ‘snelheid van het einde van het jaar 2025’. Ik schreef de teksten op 31 december 2025, geïnspireerd door de foto’s.
Een bericht van de 4th B&W Athens Photography about the Winners’ Announcement.
LONDON Peter van Tuijl # Netherlands # Reflection (category Cityscape)
Congratulations!
I would like to let you know that you have been selected to exhibit your work at the 4th B&WAthens PhotographyFestival which starts on February 14, 2026.
You have been chosen from many remarkable submissions sent from all over the world.
Mijn beweegreden om de foto te maken: HEEL LONDEN DRAAIT OP HEN … de twee nobody’s -de klerken- in de grote hal.
21 december, de korste dag. Voor degenen die nu al uitkijken naar de lente komt er steeds meer licht in de duisternis. Een van de deelnemers aan een mentoraat vatte de uitdaging letterljk op door het laatste licht op de kortste dag vast te leggen (en naar me toe te sturen). Dankjewel Ed Koekkoek voor je ‘laatste licht op 21 december 2025’.
Bedburg-Hau is een gemeente in het noordwesten van de Duitse deelstaat Noordrijn-Westfalen en behoort tot de Kreis Kleef. De gemeente telt ongeveer 13.000 inwoners. Voor mij heeft Bedburg-Hau betkenis vanwege het Artoll Labor en museum Slot Moyland. Ik en er een regelmatige bezoeker.
Artoll Labor, een locatie voor experimentele hedendaagse kunst, met name beeldende kunst, is gevestigd in Haus 6 op het terrein van de Rheinische Kliniken. In een van de jugendstilgebouwen, vrijgekomen na decentralisatie van de opvang van mensen met psychische stoornissen, is tegenwoordig een kunstenaarsinitiatief gevestigd met de naam Artoll Labor. Hier kunnen kunstenaars zich een tijdlang ongestoord op hun werk concentreren en hun werkperiode afsluiten met een korte tentoonstelling.
Foto’s die ik in de afgelopen jaren heb gemaakt in het ARTOLL LABOR en de omgeving – de Rheinische Kliniken – heb ik in een boek [HAUS ZES kunst en omgeving] samengebracht en is digitaal in te zien.
De psychiatrische inrichting Rheinische Kliniken Bedburg-Hau werd in 1912 geopend en is nu bekend als de LVR-Klinik Bedburg-Hau. Het is gevestigd op een parkachtig terrein en er zijn ongeveer 100 gebouwen. Oorspronkelijk werden er 36 ziekenhuisgebouwen gebouwd met een capaciteit van 2200 bedden. Het doel was om een deel van de chronisch geestelijk zieke patiënten uit de bestaande klinieken uit de regio over te nemen.
De kliniek is nu een van de grootste instellingen voor de behandeling van psychisch en geestelijk zieke patiënten in Noordrijn-Westfalen. Het gehele complex van gebouwen en wegen staat onder monumentenzorg.
Nieuwe inzichten betreffende decentralisatie van opvang van patiënten maakte dat in de jaren tachtig vele huizen leeg kwamen te staan. Nieuwe bestemmingen werden gevonden onder meer als behuizing voor het kunstenaarsinitiatief, Artoll Labor, de theatergroep ‘mini-art’ voor jeugdtheater, en opvanghuizen voor asielzoekers.
Sommige huizen werden de afgelopen jaren versterkt omheind ten behoeve van inrichting van speciale strafgevangenissen, bijvoorbeeld een vrouwengevangenis. Aansluitend op het oorspronkelijke terrein heeft in de jaren 2000 nieuwbouw plaatsgevonden voor een gesloten inrichting voor Forensische Psychiatrie.
De Nederlandse fotograaf Sarah van Rij woont en werkt in Amsterdam en Parijs. De Volkskrant had afgelopen week een reportage met haar werk. In de aanhef las ik dat ze ‘jaagt op een parallel universum’.
Het meest aantrekkelijk van haar werk vind ik dat ze met ogenschijnljk gemak de werkelijkheid zodanig weergeeft dat je vaak het gevoel hebt dat je gefopt wordt. De elementen, perspectieven, lijnen en vlakken verenigt ze tot -in mijn ogen- compleet nieuwe realiteit. En het is toch echt, gewoon zo ‘uit de camera'(behoudens haar collages).
Ik noem het fragmenten uit de werkelijkheid. Zojuist is er een boek met haar werk verschenen [atlas of echos Sarah van Rij].
Wil je ook verwonderd raken van deze fotograaf, kijk dan op haar website.
Fotografie heeft te maken met keuzes maken. Of je een meer journalistieke gerichte fotograaf bent of juist autonoom en meer naar binnen gericht bezig wilt zijn, elk fotoproject is gebaseerd op persoonlijke keuzes. Mijn stelling is dat het WAAROM de leidraad is voor WAT je fotografeert. En je fotografische gereedschapskist die je tot je beschikking hebt bepaalt in relatie met het WAT en het WAAROM de uiteindelijke foto’s of serie. En wat er in die gereedschapskist zit heeft zeker niet alleen te maken met type camera, objectieven en dergelijke. Juist de aspecten of elementen van je beeldtaal/beeldstijl doen ertoe. Naar mijn idee nog meer dan over welke camera of mobile je tot je beschikking hebt.
Digitalis purpurea is een kortlevende, vaste plant. De bladeren, bloemen en zaden van deze plant zijn giftig en kunnen dodelijk zijn bij inname.
Dezelfde stof die de plant giftig maakt, wordt ook gebruikt als medicijn tegen hartfalen.
Een fotograaf die een heel eigenzininge stijl ontwikkelt is SARA LANDO. Ze maakt series die heel erg dicht op je huid zitten en die je kunnen aangrijpen. Bij het bekijken van haar werk besef ik hoe complex leven kan zijn. Ik maak er verder geen woorden aan vuil, haar beelden zijn zodanig dat zelf kijken en beleven veel beter is. Ga naar haar website: SARA LANDO
Een paar weken kwam ik via LENSCULTURE dit boek tegen. Ik heb het aangeschaft en er geen spijt van, alhoewel sommige mensen -ook fotografen- als ik aan hen het boek laat zien, de opmerking maken ‘er is er geen een die lacht’. Het is de vraag of portretfoto’s ‘in het wild geschoten’ lachende gezichten moeten opleveren. Mijn ervaring is dat je de vreemdeling die je tegenkomt op straat, bij de bakker of in het park de vraag stelt ‘mag ik een foto van je maken’ zijn meest vriendelijke gezicht opzet enje zelfs de meest brede smile toewerpt. Meestal vraag ik om nog een foto te mogen maken waarbij ik vraag om het huis, tuin en keuken gezicht. Het normale gezicht … het gezicht dat iets vertelt over wie je bent anders dan de vriendelijke lacht voor fotograaf en eventueel later de beschouwer van het portret. Ongeveer 10 jaar geleden maakt ik het boek EEN EIGEN GEZICHT.
Een eigen gezicht, zo simpel als wat en iedereen heeft er een …
De jonge STRAATFOTOGRAAF AMY HOROWITZ maakt haar debuut met het fotoboek A Walk in the Park met daarin heel veel portretten van jonge mensen, gefotografeerd in het Wasington Square Park in New York.
Een levendige en intieme verzameling van 166 jongvolwassenen waarmee ze de drempels van identiteit en volwassenheid in New York City verkent. Het boek maakte ze in de afgelopen vijf jaar in twee New Yorkse parken. Ontmoetingen die -wellicht af en toe vluchtig van aard waren- ‘rake portreten’ opleverden. Momenten van zelfexpressie, kwetsbaarheid en menselijke verbinding. Zelf schrijft ze daarover op haar website “Als fotograaf voel ik me aangetrokken tot de verhalen achter de oppervlakte”, zegt Horowitz. “Dit werk gaat over gezien worden en anderen zien – over het stilstaan van de tijd in een moment van wederzijds begrip.”
Kijk op de website van Amy Horowitz, je zult er geen spijt van krijgen! En voor straatfotografen, bekijk zeker ook de serie CANDID. Verwondering én inspiratie in overvloed.
Al eerder was ik in Athene en maakte een boek met foto’s in kleur. Vanwege een verzoekje om een aantal foto’s daaruit in een lezing te gebruiken dook ik in een partjtje harde schijven om de bestanden op te sporen. Wat geweest is moet je eigenlijk ook niet meer opniieuw ter hnd nemen. Ik doe dat zelden, maar zwichtte nu toch. Niet in kleur maar echt zwart-wit. Onverbloemd wil ik -opnieuw- de dubbelzinnigheid van Athene verbeelden.
De historische pracht en de moderne uitingen die tegelijkertijd ook samenkomen onder andere in armoede en verval. Het laat de diepte van de problemen zoals economische recessie en sociale ongelijkheid zien, maar ook de veerkracht van mensen en het potentieel voor vooruitgang dat aanwezig is.
Als je het boek wilt bekijken klik dan op de afbeelding of hier.