de mond als sterkste wapen

Miranda Vlaswinkel, nachtbewaker van Globe Security in de Achterhoek | fotografie Peter van Tuijl

ZOMERSERIE NACHTWERK

Schrijver en columnist Jonah Falke offert deze zomer een deel van zijn nachtrust op. Voor De Gelderlander kijkt hij een keer per week wie er in de nachtelijke uren aan het werk zijn.

In het holst van de nacht rijdt Miranda Vlaswinkel (27) stapvoets over industrieterreinen. Haar portofoon brabbelt onverstaanbaar voor een buitenstaander maar Miranda zegt telkens: ‘Dat is begrepen.’ Haar werk bestaat uit het in alle eenzaamheid surveilleren bij bedrijven. Op een man met een kinderwagen die langskomt en een wegschietend konijn na, gebeurt er nog niets.

Soms stappen we uit en controleert ze met een zaklamp een gevel en voelt of alle deuren wel afgesloten zijn: ‘de zwakke plekken van bedrijven.’ Haar rechtvaardigheidsgevoel en de zin om problemen te voorkomen is groot. ‘Alles wat nachts leeft, klopt niet,’ zegt ze. ‘Dit is het mooiste werk van de wereld. Spanning opzoeken, daar hield ik als kind al van.’

Ondanks dat Miranda weinigen tegenkomt, verraden haar vuurrode nagels dat ze ervan houdt tiptop eruit haar werk te doen. | foto Peter van Tuijl

Haar werk blijkt te bestaan uit kalmte óf actie. Een opmerkelijk combinatie. De enige constante is haar alertheid. We krijgen een melding van een inbraakalarm bij een voetbalvereniging. Met rode nepnagels tikt ze op haar telefoon voor het adres, binnen een paar minuten zijn we ter plaatse. Het pand wordt ‘extern gecontroleerd’. De zaklamp zwiept langs muren, hekken en over het verlaten voetbalveld. Dan gaan we naar binnen. Ze is ongewapend maar loopt breed. Haar mond is haar sterkste wapen, zegt ze. Er hangt een vergeten jas over een stoel maar er is geen mens te vinden.

We rijden verder en Miranda vertelt dat ze ‘s nachts tot leven komt en veel plekken alleen in het donker en verlaten kent. Kijkend naar de loodsen vraag ik me af wat hier in godsnaam te halen valt. ‘Er zijn trends in de onderwereld,’ legt ze uit. Eerst waren tandartspraktijken populair, voor de verdovende middelen en boortjes, nu wielrenfietsen en aanhangers. Gereedschappen als bladblazers zijn waardevast.

Een bestelwagen komt ons tegemoet en ze zegt: ‘Dat is raar.’ Als ze de achtervolging wil inzetten, blijkt de auto al gevolgd te worden door de politie. ‘Hij heeft ladders op het dak, wat moet je daarmee hier om twee uur ‘s nachts?’ Haar stem is als haar oog: snel en scherp. We volgen de politie en de bestuurder wordt staande gehouden. Lachend zegt ze dat ze haar werk uit handen nemen. Ze rijdt rustig verder.

Later die nacht gaat er nog een inbraakalarm af bij een tankstation. Ze is trots op haar aanrijtijden, de transparantie van het bedrijf en dat ze eigenlijk nooit fouten maakt. In gemiddeld vijf minuten is ze ter plaatse. ‘Dat geeft de klant een veilig gevoel, die aanrijtijden worden meteen doorgegeven aan ze. En als er iets bijzonders is, maak ik een foto die ze meteen te zien krijgen of je belt de politie.’

Haar akeligste ervaring in de nacht is een zelfmoordpoging. ‘Ik werd opgeroepen door een instelling voor jongeren met gedragsproblemen. Zat daar een meisje met een mes op haar pols, maar het praten van ons team heeft geholpen. Ze leeft nog.’ 

Normaliter doet ze dit werk alleen. Het zijn immer unheimische plekken en in haar wereld deugen mensen die ‘s nachts leven vaak niet. Traag opent ze het rolluik van het tankstation en gaat ze naar binnen. ‘Je weet nooit wat je aantreft, maar als je bang bent kun je dit werk niet doen. Ik ken geen angst en hou van adrenaline. Ik woon nog thuis en iedere avond zegt mijn vader dat ik goed uit moet kijken.’

Ik dacht altijd dat mensen die geen angst kennen, levensgevaarlijk waren. Maar dat valt mee. Onbevreesd en met veel plezier gaat Miranda te werk en zegt: ‘Sommige mensen wil je ’s nachts echt niet tegenkomen.’ En dan geruststellend: ‘Maar de meeste zijn banger voor jou, dan jij voor hen.’

Ik ken geen angst en hou van adrenaline. Ik woon nog thuis en iedere avond zegt mijn vader dat ik goed uit moet kijken. | foto Peter van Tuijl

Miranda zegt het jammer te vinden dat ik geen echte inbraak heb meegemaakt. Ze zet de autoradio aan en vervolgt haar tocht alleen. Aan het eind van de ochtend stuurt ze me een berichtje: ‘Je hebt niks gemist de rest van de nacht.’

Deze column over de nachtwerkers verscheen in de Gelderlander op 21 juli 2020.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *